Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Gepubliceerd op 29-11-2018

Samengesteld

betekenis & definitie

Samengesteld - bn. niet enkelvoudig, uit verscheidene deelen bestaande : eene naaimachine is nogal samengesteld; een zeer samengesteld raderwerk regelt alles;

— (taalk.) een samengestelde volzin, een volzin die bestaat uit twee of meer gedachten, die met elkander een geheel vormen;
— (plantk.) een samengesteld blad, waarbij verscheidene blaadjes aan één bladsteel zitten: de samengestelde bladeren zijn handvormig (als de klaver, de paardenkastanje) of vinvormig (als de gouden regen) samengesteld;
— samengestelde bloem, eene bloeiwijze die veel op eene enkelvoudige bloem gelijkt, doch inderdaad samengesteld is óf uit veel lintbloempjes, óf uit buisbloempjes, óf uit beide;
— (wisk.) een samengesteld getal bestaat uit een geheel getal + eene breuk, bv. 2¼;
— eene samengestelde breuk, waarvan óf teller, óf noemer, óf beide gebroken getallen zijn;
— samengesteld evenredig afhankelijk en samengestelde evenredigheid, zie EVENREDIG en EVENREDIGHEID;
— samengestelde interest, wanneer na verloop van zekeren termijn (een half of een heel jaar gewoonlijk) de verschenen interest bij het kapitaal gevoegd wordt en daarvan ook interest berekend wordt; samengestelde interestrekening;
niet eenvoudig: de inrichting van het staatsbestuur is zeer samengesteld; die verklaring is zeer samengesteld, niet bevattelijk, gemakkelijk te overzien;
verward, niet helder.