Raad betekenis & definitie

Raad m. aanbeveling om iets te doen of te laten, raadgeving: neem dezen raad aan, doe nu wat ik zeg; iemand raad geven; iemands raad inwinnen; — goede raad is hier duur, men weet haast niet, wat hier te doen het beste is; — iemand met raad en daad bijstaan, hem niet alleen met woorden, maar ook met daden helpen; — op mijn raad heeft hij het gedaan, gelaten, omdat ik het hem zoo aanraadde; — mijn raad zou wezen, dadelijk ontslag vragen, naar mijne meening zou dat het beste zijn; — hulp, middel: hij weet overal raad voor; raad voor kiespijn; — veel raad, weinig baat, niet alle middelen helpen; — hij is ten einde (buiten) raad, hij weet geen enkel hulpmiddel meer, om uit de verlegenheid te geraken; — komt tijd, komt raad, wanneer het noodig is, zal er wel een middel gevonden worden; — raad schaffen, de noodige middelen aanwijzen; — raad noch daad weten, heelemaal niet weten wat te doen; — hij weet -met zijn geld, zijn leegen tijd geen raad, weet niet hoe die goed te besteden, heeft er te veel van; — ik weet met dien jongen geen raad, weet niet, wat met hem aan te vangen; — hij weet met zijne handen geen raad, weet niet hoe die op passende wijze te houden; — overleg : bij iemand te rade gaan, met hem overleggen; — met zijne beurs te rade gaan, overleggen of men iets nog betalen of koopen kan, handelen overeenkomstig zijn vermogen; — de nacht brengt raad, dikwijls weet men den volgenden dag zeer duidelijk, wat te doen het best is, waartoe men den vorigen avond bij het nauwgezetste overleg niet kon geraken; — besluit, voornemen ; te rade worden, een besluit nemen; niemand kan Gods raad doorgronden; — —, (raden), zeker aantal personen die bijeenkomen om voorstellen te onderzoeken of besluiten te nemen; college met besturende of rechtsprekende macht: familieraad, gemeenteraad, kerkeraad, krijgsraad, zie aldaar; — Raad van Beheer, belast met het beheer, bestuur van groote maatschappijen; — raad van beroep, die personen die uitspraak moeten doen op de bezwaarschriften betreffende aanslagen der belastingen; ook eene soort van scheidsgerecht; — de Raad van State, regeeringscollege van 15 personen aan wier oordeel alle voorstellen, door den Vorst aan de Staten-Generaal of omgekeerd gedaan, benevens alle algemeene maatregelen van inwendig bestuur, onderworpen moeten worden; — den Raad van State gehoord, boven wetten, besluiten enz.; — Raad van Tucht (voor de koopvaardij), raad van zeven personen die een onderzoek instelt naar misdragingen van gezagvoerder of scheepsofficieren; inz. wanneer er een scheepsramp of schipbreuk plaats had; — de Raad van Indië, eene soort van Raad van State voor Indië, bestaande uit 5 leden; — de hooge Raad, het hoogste gerechtshof van het geheele Rijk; — de Hooge Raad van Adel, ingesteld om adviezen te geven in zaken, den adel betreffende; — raad van administratie, (bij het leger) ingesteld om uitspraak te doen, de administratie betreffende; — de raad van defensie, (bij het leger) die het plan van verdediging moet opmaken; — raad van onderzoek, soort van eeregericht, die in bepaalde gevallen moet beslissen, of iemand officier mag blijven of niet; — inz. gemeenteraad : hij is lid van den raad; de zittingen van den raad zijn hier altijd op Dinsdag; — den raad afloopen, de raadsleden bezoeken om ze voor een persoon of eene zaak te winnen; — vergadering van den raad : is er raad van middag ?;

— morgen komt de zaak in den raad, wordt daar besproken en afgedaan; — (in Ind. inz.) de Raad van Indië; — lid van een raad: hij is Raad van Indië; dat is een Raad onzer stad.

Laatst bijgewerkt 22-11-2018