Apenrade betekenis & definitie

Apenrade, in het Deensch Aabenraa, is een ambt of district in het Hertogdom Sleeswijk met eene hoofdstad van denzelfden naam. Het ambt telt op 14 □ geogr. mijlen bijna 23.000 inwoners, en de stad, aan een boezem der Oostzee tusschen Flensburg en Hadersleben gelegen, heeft er ruim 5000. Er is eene drukke scheepvaart.

Wij vinden de stad de eerste maal vermeld in het midden der 12de eeuw; zij werd toen door de Wenden verwoest. Later (1693) hield koning Knoet VI en zijn tegenstander en mededinger naar de kroon, Waldemar, bisschop van Sleeswijk op het slot Brönland gevangen. Van hertog Waldemar IV ontving zij stedelijke regten (1284). In het jaar 1644 behaalden er de Denen eene overwinning op den Zweedschen generaal Douglas. Gedurende het jaar 1848 had Apenrade veel van den oorlog te lijden, en de Pruissen werden er als bevrijders ontvangen. Na den terugtogt van Wrangel werd de stad weder door de Denen bezet. Later kwam zij weder in de magt der Pruissen en werd uren lang door Deensche oorlogschepen beschoten (5 April 1849). Bij het bepalen der grenslijn, kwam Apenrade aan de noordzijde van deze te liggen en werd door Zweden en Noorwegers bezet. De inwoners waren daarmede slecht gediend, en meer dan 50 huisgezinnen vertrokken naar elders. Gedurende den oorlog van 1864 ontving zij wederom eene Pruissische bezetting. Het is bekend, dat het geheele Hertogdom Sleeswijk na den oorlog van 1866 bij het koningrijk Pruissen is ingelijfd, ofschoon dit gedeeltelijk in strijd is met het verdrag van Praag.

Gepubliceerd op 11-01-2018