April betekenis & definitie

April, volgens Ovidius afstammende van het Latijnsclie woord aperire of openen, omdat het voorjaar alles doet ontluiken, is volgens den Oud-Romeinschen calender de tweede en volgens den Juliaanschen de vierde maand van het jaar. Zij heeft bij ons den bijnaam van grasmaand en elders dien van Paaschmaand (Ostermonat), omdat er veelal het Paaschfeest in gevierd wordt.

In April staat de zon in het teeken van den Ram; de Hyaden, Pleiaden en Orion verheffen zich in April tegelijk met haar boven den horizon. De dag heeft bij ons op den eersten April eene lengte van 14½, en den laatsten eene lengte van 16½, uren. De temperatuur is in Midden-Europa in April gemiddeld 4 graden hooger dan in Maart, en de veranderingen van den barometer zijn er in April iets minder groot dan in de voorafgaande maand, terwijl de hygrometer minder vochtigheid aanwijst en de uitdamping van den bodem vermeerderd is. De Aprilmaand is berucht wegens haar afwisselend weder, wegens hare regen- en hagelbuijen, en zij brengt ons doorgaans het eerste onweder. Toch overtreft het gemiddeld getal harer zonnige dagen gemiddeld dat der regenachtige.

April is eene hoogst belangrijke maand voor den landbouw. De meeste zomervruchten worden daarin toevertrouwd aan den bodem. Ook de tuinman weet daarin zijn tijd nuttig door te brengen met snoeijen, zaaijen, verplanten, het zuiveren der vruchtboomen enz.

De eerste April is voor ons de gedenkdag van een hoogst merkwaardig feit. In het jaar 1572 werd op dien datum de Briel ingenomen door de Watergeuzen, waardoor de opstand tegen Spanje niet weinig werd aangemoedigd. Het versje:

Op den eersten April

Verloor Alva zijn bril (Briel).

is algemeen bekend.

In het voorbijgaan maken wij gewag van de zonderlinge volksgewoonte, om op den eersten April elkander door allerlei dwaze fopperijen om den tuin te leiden. De Aprilsgek wordt gewoonlijk om deze of gene onmogelijke boodschap uitgezonden en om zijne vergeefsche moeite bespot. Volgens sommigen is dat gebruik afkomstig uit den tijd, toen men de lijdensgeschiedenis van Jezus ten tooneele begon te voeren, waarbij men voorstelde, hoe de Heiland met smaad en spot van Pilatus naar Herodes en van Herodes weder naar Pilatus gezonden werd. Anderen zijn van oordeel, dat het een overblijfsel is van het lentefeest der Heidensche Germanen, — een feest, dat in het begin van April werd gevierd en tot allerlei belagchelijke misleidingen aanleiding gaf.

Laatst bijgewerkt 11-01-2018