Synoniemen van april

lentemaand, grasmaand, eiermaand, paasmaand
2019-10-20

april

Het begrip april heeft 6 verschillende betekenissen: 1) vrouwen en de maand april hebben gemeen dat ze wispelturig zijn 2) vierde maand van het jaar 3) op 1 april 1572 verloor de Spaanse landvoogd Alva (Fernando Álvarez de Toledo, hertog van Alva) de plaats Den Briel aan de watergeuzen. Als dooddoener fungerend, woordspelig rijmpje, dat vaak ten onrechte in verband wordt gebracht met 1 april als de traditionele dag waarop grappen uitgehaald worden. 4) in de maand april kan het mooi maar ook sle...

2019-10-20

April

Vroeger „opende" de maand April het jaar en de aarde opent zich, als het ware, voor het opnemen der zonnestralen, die haar moeten verwarmen.

2019-10-20

april

april - Zelfstandignaamwoord 1. de vierde maand van het jaar In april is het weer sterk wisselend. Woordherkomst Komt van het Latijnse mensis Aprilis. De etymologie is echter onzeker. Het woord wordt wel in verband met het Latijnse aperire (openen) vanwege de onluikende natuur. Ook wordt het woord wel in verband gebracht met de Griekse godin Aphrodite, omdat de maand april was gewijd aan Venus (de Romeinse naam v...

2019-10-20

April

April, volgens Ovidius afstammende van het Latijnsclie woord aperire of openen, omdat het voorjaar alles doet ontluiken, is volgens den Oud-Romeinschen calender de tweede en volgens den Juliaanschen de vierde maand van het jaar. Zij heeft bij ons den bijnaam van grasmaand en elders dien van Paaschmaand (Ostermonat), omdat er veelal het Paaschfeest in gevierd wordt. In April staat de zon in het teeken van den Ram; de Hyaden, Pleiaden en Orion verheffen zich in April tegelijk...

2019-10-20

April

Engelse naam, de naam van de maand. De naam betekent dus 'geboren in de maand april', of 'lentekind'.

2019-10-20

april

april - zelfstandig naamwoord uitspraak: a-pril 1. de vierde maand ♢ in april is het meestal lente 1. april doet wat hij wil [het weer is erg wisselvallig] Zelfstandig naamwoord: a-pril

2019-10-20

April

April - [Lat. Aprilis], m., vierde maand van het jaar, ook grasmaand of paasmaand genoemd; (spr.) — doet wat hij wil, het weer in die maand is zeer wisselvallig; op de eerste — stuurt men de gekken waar men wil; één april, gefopt! Er bestaan streeksgewijs of lokaal nogal wat uitdrukkingen over april met betrekking tot het weer, vaak met voorspellend karakter. Ze zijn geen van allen houdbaar gebleken. Historische zegswijze: Op den eersten — verloor Alva zijn bril, spotlied op Alva bij de...

2019-10-20

April

April - (Lat. aprilis mensis- of Aprilis), sedert de invoering van den Juliaanschen kalender de vierde maand van het jaar, telt 30 dagen. Karel de Groote heeft getracht voor A. den naam Ostarmanoth (vgl. Ostermonat) in te voeren. In de M.E. zijn ook wel de namen mensis venustus (Lat., = liefelijke, bekoorlijke maand) en mensis novarum (nl. terrarum; Lat .,= maand der jonge akkers) in gebruik geweest. Ten onzent wordt A., eenigszins ouderwets, ook Grasmaand genoemd. In A. vangen de werkzaamheden...

2019-10-20

April

April - of Grasmaand (Lat. aprilis), volgens den Juliaanschen kalender de vierde, volgens den oudRomeinschen, de tweede maand van het jaar. De naam is waarschijnlijk afgeleid van een woord, dat de bet. van „de tweede” heeft. A. heeft thans 30 dagen; vóór de invoering van den Juliaanschen kalender had zij er 29. — In vele landen, als Nederland, België, Frankrijk, Engeland, Schotland, Duitschland, vermaken de menschen zich op den eersten April met elkander voor den gek te houden, vooral d...

2019-10-20

april

april - De vierde maand van het jaar in de Juliaanse en de Gregoriaanse kalender. Bevat 30 dagen en valt tussen maart en mei. De naam is waarschijnlijk afgeleid van het Latijnse woord 'aperire' ('openen'€), een mogelijke verwijzing naar plantenknoppen die in deze tijd van het jaar in Rome opengaan.

2019-10-20

April

Witte hoeden fabrikant.