Groot woordenboek der Nederlandse taal

Nederlands woordenboek (7e druk - 1950)

Gepubliceerd op 01-01-2021

Inhoud

betekenis & definitie

m. (-en),

1. de hoeveelheid ruimte die binnen de grenzen van een figuur of van een lichaam begrepen is: de inhoud van parallellogrammen, de oppervlakte; de inhoud van een bol;
2. de in een maat uitgedrukte hoeveelheid ruimte die iets omvat; capaciteit: hoeveel bedraagt de inhoud van dat vat ? dit schip heeft tweehonderd ton inhoud;
3. dat wat in iets geborgen is, waarmee het gevuld is: het vat was lek geworden en de inhoud liep over de straat; de inhoud van iem.’s zakken : een portemonnaie met inhoud, met geld er in ;
4. alles wat in een boek, geschrift enz. begrepen is: kent gij de inhoud van deze brief? — dat wat in een boek enz. verhandeld wordt: vertel de inhoud van dat boek ; korte inhoud; samenvatting van het behandelde: — vorm en inhoud, een geestelijk geheel waaraan vorm gegeven is;
5. overzicht of lijst van onderwerpen die in een boek zijn behandeld : zoek de bladzijde maar in de inhoud op ;
6. het geheel der voorstellingen door een woord of begrip uitgedrukt: de termen volk en natie zijn niet gelijk van inhoud ’, — gebaren verduidelijkten de inhoud van hun woorden.