Wat is de betekenis van wijs?

2026-09-05
Woordenboek van Populair Taalgebruik

Marc De Coster (2020-2025)

wijs

(1979) (jeugd) geweldig: 'dat ziet er wijs uit.' • Wijs:...

2026-09-05
Muiswerk Educatief

Muiswerk Educatief (2017)

wijs

wijs - bijvoeglijk naamwoord, zelfstandig naamwoord 1....

2026-09-05
Papiaments woordenboek

Papiaments woordenboek

wijs

deun, toonaard, wijs (melodie), wijze (melodie)

2026-09-05
Zuidnederlands Woordenboek

Walter De Clerck (1981)

wijs

Inz. van kinderen: braaf, lief, zoet.

2026-09-05
Frysk Wurdboek (Friesch woordenboek)

Fa. A.J. Osinga (1952)

Wijs

1. s., wize, toan, meldij; —je, deuntsje (it), wyske (it),...

2026-09-05
Verklarend handwoordenboek der Nederlandse taal

M. J. Koenen's (1937)

wijs

I. v....

2026-09-05
Katholieke Encyclopaedie

Uitgeverij Joost van den Vondel (1933-1939)

Wijs

(Lat. modus) noemt men in de grammatica de verschillende...

2026-09-05
Modern Woordenboek

Jozef Verschueren (1930)

wijs

I. v....

2026-09-05
Middelnederlandsch handwoordenboek

J. Verdam (1911)

Wijs

I. bnw....

2026-09-05
Keur van Nederlandsche woordafleidingen

J.Pluim (1911)

Wijs

(verstandig) is ’t Germ. adjectief wisa, afl....

2026-09-05
Groot woordenboek der Nederlandsche taal

J.H. van Dale (1898)

Wijs

Het begrip wijs heeft 2 verschillende betekenissen: 1. wijs...

‘wijs’ komt ook voor in deze premiumwerken

Bekijk het volledige resultaat via het betreffende premiumwerk.