Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Gepubliceerd op 06-09-2018

2018-09-06

Grenshoek

betekenis & definitie

GRENSHOEK, m. (-en\ (art.) (bij het richten van geschut aan boord van een schip) de grootste hoek dien de richtlijn maken kan met het vlak van opstelling van den vuurmond;

— (nat.) de grootste hoek dien een invallende lichtstraal met de normaal kan maken, zonder terug te kaatsen.