Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Gepubliceerd op 06-12-2018

VOLGEN

betekenis & definitie

VOLGEN - (volgde, heeft en is gevolgd), op hetzelfde pad treden van iem. die of iets dat voorgaat of voorging: hij is iem op straat gevolgd; iem. op den voet, op een afstand volgen; iem., iets met de oogen volgen, nakijken ;

— een lijk volgen, ter grafplaats geleiden ;
— houden, daarlangs gaan : een weg, de rivier volgen;
— iem. bij het spreken, betoogen volgen, hem volle aandacht schenken ;
— wij lezen daarin als volgt, zooals hier is overgenomen;
— opeenvolgen, in betrekking tot den tijd of in rang: de nacht volgt op den dag ; de eene donderslag volgde op den anderen; (spr.) na regen volgt zonneschijn, na lijden komt verblijden;
— die volgt, die nu aan de beurt is ;
— hij liet er dadelijk op volgen, voegde er dadelijk aan toe;
— de eerste luitenant volgt op den kapitein, volgt in rang ;
— goed voorgaan doet goed volgen, een goed voorbeeld maakt dat een ander ook goed handelt;
— handelen naar, gehoor geven aan : hij heeft een voorschrift, den goeden raad gevolgd, dienovereenkomstig gehandeld ;
— zijn eigen hoofd volgen, eigenzinnig zijn; zijne lusten, neigingen volgen; hieruit volgt, hieruit vloeit voort. VOLGING, v. (w. g.) het volgen, gevolg.