Aanzoek betekenis & definitie

AANZOEK, o. (-en), plechtig verzoek, ernstige bede: bij iem. aanzoek doen om, hem plechtig verzoeken; — aanzoek doen bij eene vrouw, haar ten huwelijk vragen aan haar zelf; — aanzoek doen om eene vrouw, aan hare ouders of voogden; — aanzoek doen om de hand van, huwelijksaanzoek; — aanzoek krijgen, ten huwelijk gevraagd worden; — poging tot verleiding : het dienstmeisje had last van zijne aanzoeken; — verzoekschrift.