Wat is de betekenis van Vallen?

2019
2021-04-22
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

vallen

vallen - Werkwoord 1. ergatief vrijelijk onder invloed van de zwaartekracht naar de aarde bewegen De roekeloze beklimmer van het gebouw viel gelukkig niet. 2. vrijelijk neerhangen Zijn lange haren vielen in krullen over zijn schouders. 3. ergat...

Lees verder
2018
2021-04-22
Anneke van Schie

Voormalig eigenaar/directeur Uitgeverij Kavanah

Vallen

Een onbedoelde verandering van de lichaamspositie, die resulteert in het neerkomen op de grond of een ander lager niveau.

2018
2021-04-22
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

vallen

vallen - onregelmatig werkwoord uitspraak: val-len 1. op de grond terechtkomen ♢ ik viel een gat in mijn knie 2. er boos om worden ♢ hij viel erover dat het eten niet klaar was ...

Lees verder
2017
2021-04-22
Wielrenners

Jargon & Slang van Wielrenners

Vallen

Vallen - 'zich laten vallen': zeer goed kunnen dalen.

2004
2021-04-22
Woordenboek van Eufemismen

Marc De Coster

vallen

(als soldaat) sterven in de strijd; sneuvelen (een woord dat wellicht ook een carrière als eufemisme achter de rug heeft want in een ver verleden betekende het struikelen, vallen). Vallen kan hier gezien worden als een eufemistische verkorting van ‘doodvallen’. De term valt een beetje tussen twee uitersten: die van verheerlijking (van de strijd, de...

Lees verder
2002
2021-04-22
Lexicon voor de kunstvakken

Verklaringen van woorden die gebruikt worden in teksten over kunst.

vallen

Vallen is een actie (1) waarbij het lichaamszwaartepunt snel in de richting van de grond beweegt (zie beweging (4)).

1998
2021-04-22
Woordenboek van populaire uitdrukkingen

Marc De Coster ©, 1998

Vallen

zie ook de ballen (hou ze vasten laat ze niet vallen): 1. laat hem niet-, schertsend gezegd tegen een manspersoon in een urinoir. Wanneer je je als man even wilt verwijderen wegens een eenvoudige sanitaire handeling, krijg je te horen, als je je tenminste bevindt in uiterst spiritueel gezelschap: ‘Laat hem niet vallen!’ (Jos Brink: Stukje voor stu...

Lees verder
1998
2021-04-22
drs. Toine van Hoof

AUTEUR VAN HET BRIDGE WOORDENBOEK - "BRIDGE OPZOEKBOEK" (UITGAVE 1998)

vallen

1. Van een kaart: bijgespeeld worden. Bijvoorbeeld in: ‘onder het aas viel de heer’. 2. Van een kleur: rond zitten. Bijvoorbeeld in: ‘de troeven vielen niet’.

Lees verder
1997
2021-04-22
Vloeken

Prof. dr. P.G.J. van Sterkenburg: Vloeken, een cultuurbepaalde reactie op woede, irritatie en frustratie (SDU, 2001).

vallen

De verwensingen val dood!; ze moesten doodvallen!; laat ze doodvallen!; je kunt doodvallen!; val nou toch gauw gebakken!; val in bonken!; val in de sneeuw!; val in de stront!; val in de zeik!; val in de knoop!; ge kunt in een knoop vallen!; val kapot!; val van het dak!; val in mijn kastje! betekenen ‘stik!, je kunt met wat!, bekijk het...

Lees verder
1973
2021-04-22
Oosthoek Encyclopedie

De Oosthoek is een Nederlandse encyclopedie die in verschillende uitvoeringen is verschenen

vallen

(viel, is gevallen), (onoverg.), 1. uit een hoger punt, tengevolge van de werking van de zwaartekracht, vrij naar beneden komen: in het luchtledige — alle voorwerpen even snel; (zegsw.) iets valt iemand in de schoot, hij krijgt het zonder moeite; aan of in stukken —; daar valt mij een steen van het hart, dat is een grote zorg minder; (i...

Lees verder
1952
2021-04-22
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Vallen

v., falie, foel, fallen; bruije, tommelje, tûmelje, trûdelje, trudelje, trûzelje, truzelje; zich metbezeren, jin (to)falle; zwaar —, jompe; hard —, gâns in smeet krije; komen te —, fan 'e fuotten, fan 'e soallen, ûnder (’e) fuotten rei...

Lees verder
1950
2021-04-22
Groot woordenboek der Nederlandse taal - 1950

Nederlands woordenboek (7e druk)

Vallen

(viel, is gevallen), I. uit een omhoog of hoger gelegen punt een meestal snelle beweging in verticale, of nagenoeg verticale richting aannemen, en zich hierbij aansluitende betekenissen; 1. uit een hoger gelegen punt, tengevolge van de werking der zwaartekracht, in verticale, of nagenoeg verticale richting vrij naar beneden komen:...

Lees verder
1933
2021-04-22
Katholieke Encyclopaedie

25 delen, uitgegeven 1933-1939. Uitgeverij Joost van den Vondel te Amsterdam.

Vallen

of meervallen (Siluridae), een fam. van de orde der beenvisschen, bezitten een naakte huid; in den bek staan sterke tanden en aan de kaken hangen lange baarddraden. Zij leven in zoetwater. Hiertoe behooren: → meerval en → siddermeerval.

1898
2021-04-22
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

VALLEN

VALLEN - (viel, is gevallen), ingevolge de zwaartekracht van eene hoogte naar beneden komen; in het luchtledige vallen alle voorwerpen even snel; de appel valt van den boom, (spr.) de appel valt niet ver van den boom, zie APPEL; de bladeren vallen; er valt regen, sneeuw, hagel; het hert laat zijn gewei vallen; — uit eene staande of zittende h...

Lees verder