2020-02-17

streek

streek - Zelfstandignaamwoord 1. (aardrijkskunde) een gebied met een eigen karakter, een landstreek Deze streek is bekend om zijn bollenteelt. 2. deel van een entiteit (bijv. anatomisch) met specifieke eigenschappen (-> bilstreek, hartstreek, maagstreek, kompasstreek) 3. een handige manipulatie Wat een gemene streek is dat! 4. een veeg of streep met een werktuig ...

2020-02-17

streek

streek - zelfstandig naamwoord 1. gedeelte van het land, stuk land ♢ in deze streek heb je veel water 2. plek rond een orgaan ♢ hij voelde pijn in de streek van de lies 3. iets ondeugends ♢ die kwajongen heeft weer een streek uitgehaald! 4. strijkende...

2020-02-17

STREEK

Een rij huizen of een min of meer aaneengesloten buurschap langs een weg heet vaak de S.; de S. bij Dokkum, Wanswerd aan de S. Boerderijen staan op de klei meest verspreid. Andere woorden voor S. zijn rige, rijp. In voormalig Engwirden noemt men de dorpen Terband, Luinjeberd, Tjalleberd en Gersloot ‘de S.’.zie Ga, Streekdorp.