Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Gepubliceerd op 24-02-2020

Volkomen

betekenis & definitie

Het begrip volkomen heeft 2 verschillende betekenissen:

1. volkomen - VOLKOMEN - (volkwam, heeft volkomen), (gew. Zuidn.) nakomen; uitvoeren.

2. volkomen - VOLKOMEN - bn. bw. (-er, -st), geheel, volmaakt : dat is volkomen gelukt; gij hebt volkomen vrijheid; een volkomen werk, waaraan niets ontbreekt ;
— ten volle : dat is mij volkomen duidelijk ; gij hebt volkomen gelijk; ik ben het volkomen met u eens;
— (taalk.) volkomen klinkers. VOLKOMENHEID, v.