Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Gepubliceerd op 02-12-2018

Studie

betekenis & definitie

Studie - v. (

—s, studiën), oefening (inz. in de geleerde vakken), onderzoek, navorsching: hij moet daar eene studie van maken ; een man van studie, een geleerde :
— te Leiden op studie liggen, daar als student ingeschreven zijn;
— zijne studie voortzetten, volbrengen, opgeven; vruchten van nasporing en onderzoek; studiën op sociaal gebied;
— (schild.) schets, niet geheel afgewerkt stuk;
— iets met studie doen, met zorg en overleg.