Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Gepubliceerd op 06-09-2018

2018-09-06

Gnoe

betekenis & definitie

GNOE, o. (-s), (nat. hist.) schuw, uiterst vlug en wild dier in Afrika ter grootte van een ezel; het is een paard met gespleten hoeven en een stierenkop (catoblepas gnu), ook het wilde beest, hertepaard en hertestier geheeten.