Mozes betekenis & definitie

Mozes, leider van de Israëlieten bij de uittocht uit Egypte, auteur van de eerste vijf boeken van het Oude Testament; (fig.) leider, wetgever.

Mozes werd in Egypte geboren en in een biezen mandje op de Nijl te vondeling gelegd. Hij werd gevonden door de dochter van de Farao; ‘Deze nam het kind aan als haar eigen zoon. Ze noemde hem Mozes, “want,” zei ze, “ik heb hem uit het water gehaald”’ (Exodus 2:10, NBV). Mozes was als profeet een middelaar tussen God en zijn volk. Hij was degene die de Israëlieten uit Egypte heeft geleid en hun de Tien Geboden heeft doorgegeven. God gaf hem zijn opdracht vanuit een brandende braamstruik (zie ook Braambos).

Mozes wordt gezien als de auteur van de eerste vijf bijbelboeken: Genesis, Exodus, Leviticus, Numeri en Deuteronomium, de ‘Tora’, de ‘Wet’. Mozes mocht het land waarheen hij de Israëlieten leidde zelf niet betreden van God. Bovengenoemde gebeurtenissen spelen vaak een rol wanneer men iemand met Mozes vergelijkt. Een Mozes is zoveel als ‘een (inspirerend, groot) leider’.

Bijbelcitaat: Rijmbijbel (1271), v. 3513-14. Moyses hiet soene dor dat gone. Dat soene vten watre hief. (Zij noemde hem Mozes, omdat zij hem uit het water had geheven.)

Gebruiksvoorbeeld: Hosselaar had een stapel papieren in zijn handen, waar hij zeker zo gauw geen raad mee wist, maar die ondertussen ook alweer tot zijn sacrale verschijning bijdroegen. Hij leek op Mozes met een stenen tafel, waarin de Tien Geboden staan gebeiteld. (W.F. Hermans, Uit talloos veel miljoenen, 1989 (1981), p. 256)

Gebruiksvoorbeeld: De boosheid van Tobback is oudtestamentisch. Zal de linkerzijde de nieuwe Mozes volgen, en zo ja, tot waar? (De Standaard, nov. 1995)

Gebruiksvoorbeeld: Blair vertolkt verlangen naar verandering. Dat deed hij ook gisteren weer als een Mozes halverwege de woestijn. Tierend over de ontberingen die Groot-Brittannië onder de Conservatieven heeft geleden. Pratend over het beloofde land alsof het op loopafstand ligt. (NRC, juli 1994)

Gepubliceerd op 11-05-2017