Ja betekenis & definitie

Laat uw ja, ja zijn en uw nee, nee, houd u consequent aan uw verklaring. Ook in de vorm van een vaststelling.

Deze uitspraak doet de apostel Jakobus in zijn vermaning om niet te zweren: ‘Maar bovenal, broeders en zusters, zweer geen enkele eed, niet bij de hemel, niet bij de aarde, nergens bij. Laat uw ja ja zijn, en uw nee nee, anders zult u ervoor gestraft worden’ (Jakobus 5:12, NBV). Op grond van deze en andere bijbelse vermaningen leggen sommige christenen uit principe geen eed af, maar doen een gelofte.

Bijbelcitaat: Liesveldtbijbel (1526), Jakobus 5:12. Maer voor alle dingen, mijne broeders, en sweret niet, noch bi den hemel, noch bi der aerden, noch bi gheenen anderen eet, Maer v woort si Ja, dat Ja is, ende neen, dat neen is, op dat ghi niet in geueystheit en vallet. (In de Statenvertaling (1637): uw Ja, zy ja, ende het Neen, neen.)

Gebruiksvoorbeeld: Mijn ja is ja, mijn neen is neen. Daar laat ik niet aan tornen. (J. Mens, De witte vrouw, 1987 (1952), p. 277)

Gebruiksvoorbeeld: Mijn vader was niet streng maar wel consequent. Z’n nee was nee en z’n ja was ja. (Gehoord, jaren ’90)

Gepubliceerd op 11-05-2017