V betekenis & definitie

V de eenentwintigste letter van ons alphabet, was de zesde in het Phoenicische en Hebreeuwsche, werd er waarschijnlijk zeer zacht, ongeveer als onze W uitgesproken en droeg den naam van vau (nagel), die met het schriftteeken overeenkomt. De Grieken echter bezigden voor deze letter nog een ander teeken, de n, waaruit de Latijnsche u en v voortgekomen zijn. Daarop ging het oorspronkelijke teeken, aan het Phoenicisch ontleend, het digamma, tegelijk met den klank in het latere Grieksch verloren.

In het Latijn is v als consonant eene lipletter en in het Engelsch, Fransch en andere Romaansche talen desgelijks. Zij onderscheidt zich dan zeer van de Duitsche, Engelsche en Nederlandsche w, wier uitspraak veel meer zweemt naar die der u. In de provincie Friesland wordt de v bijna even scherp uitgesproken als de f. Als Romeinsch cijfer beteekent V vijf. Als verkorting beteekent V in Romeinsche opschriften: vivus, vixit, Victoria, vale enz., — in boeken: vide, versus, verte, — in de muziek: voce, verte of volti, — in de scheikunde: vanadium, — en op oude munten: de muntplaats Troyes.

Laatst bijgewerkt 20-08-2018