Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Gepubliceerd op 24-02-2020

Twist

betekenis & definitie

Het begrip twist heeft 3 verschillende betekenissen:

1. twist - TWIST - o. machinaal gesponnen katoengaren : muletwist, watertwist; zekere garenmaat: van iederen klos moet 12 twist komen.

2. twist - TWIST - m. zekere drank, uit brandewijn, bier en eieren bereid.

3. twist - TWIST - m. (-en), oneenigheid, geschil, krakeel, gekijf, verdeeldheid, ruzie, tweedracht: twist krijgen, zaaien; in twist geraken.