Volbrengen betekenis & definitie

Het is volbracht, de laatste woorden van Jezus aan het kruis; (in ruimere toepassing) het is gedaan, het is gebeurd; uitspraak na beëindiging van een zware inspanning.

De bijbeltekst komt uit Johannes 19:30 en betekent eigenlijk: ‘Dat wat voorspeld is, is vervuld’. Het zijn de laatste woorden van Jezus direct voor zijn dood aan het kruis, door hem geuit toen hij wist dat alle voorspellingen uit de Schrift vervuld waren. ‘Nadat Jezus ervan gedronken had zei hij: “Het is volbracht.” Hij boog zijn hoofd en gaf de geest’ (Johannes 19:30, NBV). In moderne aanhaling is de betekenis van ‘vervullen’ gewoonlijk weggevallen en wil men slechts op wat meer verheven of ook wel ironische toon aangeven dat iets moeilijks gedaan, afgemaakt, voorbij, over, is: ‘Het is volbracht: de 76e Nijmeegse vierdaagse is ten einde’ (Journaal, juli 1992). Zie ook Kruiswoorden.

Bijbelcitaat: Liesveldtbijbel (1526), Johannes 19:30. Doen nv Jesus den edic genomen hadde, sprack hi, het is volbracht, ende neichde dat hooft ende versciedt.

Gebruiksvoorbeeld: [Broer en zus nadat na veel drama’s de familiebank die hun een blok aan het been was, ten onder was gegaan:] ‘Het is volbracht.’ ‘Ja, het is volbracht’. (Oud geld, AVRO-televisie, 9-3-1999)

Gebruiksvoorbeeld: In zijn notitieboekje vond men deze woorden, met dodelijk vermoeide hand neergeschreven op de laatste dag van zijn leven: ‘[...] Ik heb mijn best gedaan te leven alsof ik honderd jaar dacht te worden maar morgen kon sterven. Vader, het is volbracht.’ (T. Kortooms, Mijn kinderen eten turf, 1967 (1959), p. 215)