2019-11-16

steen

steen - zelfstandig naamwoord 1. harde materie die in de aardbodem voorkomt ♢ dit huis is van steen 1. zo hard als steen [erg hard] 2. een steen des aanstoots [iets wat ergernis veroorzaakt] 3. een ezel stoot zich niet twee keer aan dezelfde steen

2019-11-16

Steen

Geen steen op de andere laten, alles vernietigen; (fig.) tot het uiterste gaan in het veranderen van iets. ‘Voorwaar, Ik zeg u, er zal hier geen steen op de andere gelaten worden, die niet zal worden weggebroken’, zegt Jezus terwijl hij zijn discipelen op de tempel van Jeruzalem wijst (Matteüs 24:2, NBG-vertaling; de NBV heeft ‘geen enkele steen’). Jezus bedoelde dit zowel letterlijk -- Jeruzalem zou verwoest worden -- als figuurlijk -- niets zou hetzelfde blijven. Beide betekenissen ko...

2019-11-16

steen

Steen is een natuurlijk of kunstmatig gevormd vast materiaal (met een hoge dichtheid) dat o.a. door beeldhouwen is te bewerken; zie natuursteen en baksteen.

2019-11-16

Steen

Steen - 'zich als een steen naar beneden laten vallen': in een halsbrekend tempo naar beneden bollen. Fr. descendre à tombeau ouvert, rouler sur les chapeaux de roue; Eng. at breakneck speed. 'Als een steen rijden': erg snel. Hij ging ons voorbij als een steen. - Gijs Zandbergen, Alleen op kop (1980) ​

2019-11-16

steen

Zie (ook) blaassteen, galsteen, niersteen, speekselkliersteen

2019-11-16

Steen

(Z.A.) Chenin Blanc, een witte druivenras.

2019-11-16

steen

steen - Zelfstandignaamwoord 1. (m) een harde stof, vaak op kiezel gebaseerd maar omvattende vele soorten Huizen worden vaak van steen gemaakt, omdat het zo goed bestand is tegen weersinvloeden. 2. (m) een klein fragment van deze stof Er ligt een kleine steen op het garagepad. 3. (n) vogelziekte veroorzaakt door het organisme Trichomonas gallinae Synonieme...

2019-11-16

steen

(de; stenen) - los natuurlijk voorwerp dat overal weggenomen mag worden behalve als de bal én de steen in een bunker of waterhindernis liggen. • Stenen in bunkers kunnen echter gevaar opleveren voorspelers (een speler zou verwond kunnen raken door een steen die door de stok van de speler wordt geraakt wanneer hij de bal wil spelen) en zij kunnen behoorlijk spel verhinderen. Indien er reden is toe te staan een steen in een bunker op te nemen, wordt de volgende plaatselijke regel aanbevolen: '...

2019-11-16

Steen

Zie Stein

2019-11-16

STEEN

STEEN - m. (-en), (v. gmv. als verzam. stofn. —, o. gmv. als zuivere of reine (abstracte) stofn.) harde delfstof, niet smeedbaar, niet brandbaar en ook niet in water oplosbaar, veel tot bouwstof en tot bestrating gebezigd; ook de uit klei gedroogde en daarna gebakken steenen: dat is steen; zoo hard als steen; kalksteen, zandsteen;—hij bleef liggen als een steen, hij verroerde zich niet meer ; met steenen gooien, werpen, smijten; — (spr.) wie uwer zonder zonde is. werpe den eersten steen; ...

2019-11-16

Steen

Steen (Jan), een beroemd schilder der Hollandsche school en een der meest populaire kunstenaars, die ooit hebben geleefd, werd geboren te Leiden in 1626 en was de zoon van een bemiddelden brouwer. Vermoedelijk heeft hij zich geoefend onder de leiding van de schilders Nikolaas Knuffer te Utrecht en J. van Goyen te ’s Gravenhage. Met de dochter van laatstgenoemde trad hij in 1649 in het huwelijk. Voorts meent men, dat hij geruimen tijd te Delft het brouwersbedrijf heeft uitgeoefend en na den doo...

2019-11-16

Steen

Steen - — zie BAKSTEEN, KUNSTSTEEN en NATUURSTEEN. — concrement, calculus, steenharde vormingen, voorkomende in de holten van het lichaam, doch daarmede niet vergroeid. Steenvorming komt meestal tot stand, doordat uit de lichaamsvochten zekere minerale en organische bestanddeelen neergeslagen worden en zich ophoopen rondom vaste punten. Dit neerslaan van stoffen heeft plaats, wanneer de voorwaarden, noodig om de zich afscheidende stoffen in opgelosten toestand te houden, ophouden te bestaan,...

2019-11-16

Steen

Jan Havicksz. Steen (+/1626— 1679) is een onzer beroemdste i7de-eeuwse schilders. Hij werd te Leiden geboren en heeft hoofdzakelijk ook in den Haag, Haarlem en Delft gewoond.Hij ging eerst in de leer bij Knupfer in Utrecht en bij.v. Ostade in Haarlem, ten slotte werkte hij op het atelier van van Goyen in den Haag, die zijn schoonvader werd. Hij behandelde verschillende, uiteenlopende onderwerpen: historiestukken, bijbelse voorstellingen en ook een paar portretten, maar zijn wereldberoemdhe...

2019-11-16

steen

Harde delfstof die niet smeedbaar, niet brandbaar en (vrijwel) niet in water oplosbaar is. Wordt in de bouwkunst gebruikt als houw-, breuk- of veldsteen.

2019-11-16

Steen

Steen - gewicht o.a. bij den handel in vlas = 2.7 K.G.

2019-11-16

Steen

1° Jan, schilder. * Ca. 1626 te Leiden, ✝ 3 Febr. 1679 aldaar. Leerling van Adr. v. Ostade en Jan v. Goyen, wiens dochter hij huwde. Hij werkte afwisselend te Leiden, Den Haag, Haarlem en Delft; behalve schilder was hij houder eener taveerne. Hij is een van de grootste genreschilders geweest, die ooit geleefd hebben. Uitbeelder van het menschelijk leven in al zijn vormen, had hij echter altijd de bedoeling een zedenles te geven. Als geen ander heeft hij karakters en gebruiken uit het gewon...

2019-11-16

steen

In de 16de en 17de eeuw komt de formule bij degodsige stenen voor. Daarnaast noteerde men bij W. Ogier bij gans steenen sonder pruimen. Ik laat hier gaarne De Baere (1940: 107-108) in een aangepaste spelling aan het woord: “De vorm stenen kan zeer goed door de gewone voorvoeging van de eind-s van Godes zijn ontstaan. Maar met de stenen kunnen toch ook de dobbelstenen bedoeld zijn, door het werpen waarvan de soldaten de kleren van de gestorven Christus onder elkaar verd...