Wat is de betekenis van steen?

2020
2021-07-27
Meertens Instituut

Nederlandse Voornamenbank

Steen

Zie Stein

2019
2021-07-27
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

steen

steen - Zelfstandignaamwoord 1. (m) een harde stof, vaak op kiezel gebaseerd maar omvattende vele soorten Huizen worden vaak van steen gemaakt, omdat het zo goed bestand is tegen weersinvloeden. 2. (m) een klein fragment van deze stof Er ligt een k...

Lees verder
2018
2021-07-27
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

steen

steen - zelfstandig naamwoord 1. harde materie die in de aardbodem voorkomt ♢ dit huis is van steen 1. zo hard als steen [erg hard] 2. een steen des aanstoots ...

Lees verder
2017
2021-07-27
Wielrenners

Jargon & Slang van Wielrenners

Steen

Steen - 'zich als een steen naar beneden laten vallen': in een halsbrekend tempo naar beneden bollen. Fr. descendre à tombeau ouvert, rouler sur les chapeaux de roue; Eng. at breakneck speed. 'Als een steen rijden': erg snel. Hij ging ons voorbij als een steen. - Gijs Zandbergen, Alleen op kop (1980) ​

Lees verder
2011
2021-07-27
Wijnetiketten

Het wijnetiket verklaard (Uitgave 2011)

Steen

(Z.A.) Chenin Blanc, een witte druivenras.

2010
2021-07-27
Dokterswoordenboek

Ruim 2300 medische begrippen, omschreven door Jannes van Everdingen en Arnoud van den Eerenbeemt

steen

Zie (ook) blaassteen, galsteen, niersteen, speekselkliersteen

2009
2021-07-27
Golfsportwoordenboek

Golfsportwoordenboek door Jan Luitzen

steen

(de; stenen) - los natuurlijk voorwerp dat overal weggenomen mag worden behalve als de bal én de steen in een bunker of waterhindernis liggen. • Stenen in bunkers kunnen echter gevaar opleveren voorspelers (een speler zou verwond kunnen raken door een steen die door de stok van de speler wordt geraakt wanneer hij de bal wil spelen) en zij kunnen b...

Lees verder
2002
2021-07-27
Lexicon voor de kunstvakken

Verklaringen van woorden die gebruikt worden in teksten over kunst.

steen

Steen is een natuurlijk of kunstmatig gevormd vast materiaal (met een hoge dichtheid) dat o.a. door beeldhouwen is te bewerken; zie natuursteen en baksteen.

2000
2021-07-27
Bijbels Lexicon

Door Karina van Dalen-Oskam & Marijke Mooijaart

Steen

Geen steen op de andere laten, alles vernietigen; (fig.) tot het uiterste gaan in het veranderen van iets. ‘Voorwaar, Ik zeg u, er zal hier geen steen op de andere gelaten worden, die niet zal worden weggebroken’, zegt Jezus terwijl hij zijn discipelen op de tempel van Jeruzalem wijst (Matteüs 24:2, NBG-vertaling; de NBV heeft ‘geen enkele steen’)....

Lees verder
1997
2021-07-27
Vloeken

Prof. dr. P.G.J. van Sterkenburg: Vloeken, een cultuurbepaalde reactie op woede, irritatie en frustratie (SDU, 2001).

steen

In de 16de en 17de eeuw komt de formule bij degodsige stenen voor. Daarnaast noteerde men bij W. Ogier bij gans steenen sonder pruimen. Ik laat hier gaarne De Baere (1940: 107-108) in een aangepaste spelling aan het woord: “De vorm stenen kan zeer goed door de gewone voorvoeging van de eind-s van Godes zijn ontstaan. Maar...

Lees verder
1992
2021-07-27
Symbolen

Hans Biedermann

steen

Met de signatuur van duurzaamheid en onvergankelijkheid, is steen in veel culturen een symbool van de goddelijke macht. Daarbij komt nog dat aan sommige stenen vonken ontlokt kunnen worden, en dat andere uit de hemel vallen (meteorieten) of opvallende vormen hebben.In de oudste cultuurperioden kende men alleen het gebruik van steen voor het vervaar...

Lees verder
1973
2021-07-27
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

steen

m. (stenen), als coll. stofn. m. en als abstracte stofn. o., 1. harde delfstof, niet smeedbaar, niet brandbaar en ook niet in water oplosbaar, in bewerkte vorm veel als bouwmateriaal (natuursteen) en voor bestrating gebruikt; als kunstmatige, uit klei gevormde en gebakken stof (baksteen); (zegsw.) hij klaagt — en been, hij klaagt geweldig; hi...

Lees verder
1964
2021-07-27
voornamen

Voornamenboek

Steen

m -> Stein (De.).

1954
2021-07-27
Medisch

Eerste Medisch Systematische Ingerichte Encyclopedie

Steen

calculus, lithos, een abnormaal vormsel van harde consistentie, meestal bestaande uit anorganische (minerale) zouten. Al naar de plaats en de oorzaak waardoor ze zijn gevormd en hun samenstelling en vorm zijn o.a. te onderscheiden: Adersteen, flebolith; blaassteen, o.a. cystinesteen en oxalaatsteen (de z.g. moerbeisteeri); darmsteen, enteroliet; f...

Lees verder
1954
2021-07-27
Groninger Encyclopedie

K. ter Laan

Steen

oudtijds zeer kostbaar. In vonnissen vindt men als boete de levering van stenen. Van de steen van de börgen van Selwerd en Kortinghuis maakte men torens in de Stadswal. Duizenden en duizenden van stenen uit het verwoeste klooster van Aduard werden door de Provincie verkocht. Veel Aduarder steen diende ook voor de vestingwerken van de Stad.

Lees verder
1952
2021-07-27
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Steen

s., stien, pl. s t i e n n e n; in klei gevormde —, foarmeling.

1950
2021-07-27
Groot woordenboek der Nederlandse taal - 1950

Nederlands woordenboek (7e druk)

STEEN

m. (stenen), v. (als coll. stofn.) en o. (als abstracte stofn.), 1. harde delfstof, niet smeedbaar, niet brandbaar en ook niet in water oplosbaar, in bewerkte vorm veel als bouwstof en voor bestrating gebezigd : een blok steen ; Doornikse, Vilvoordse steen ; — als kunstmatige, uit klei gevormde en gebakken stof: machinale steen-, Utrechtse, F...

Lees verder
1933
2021-07-27
Katholieke Encyclopaedie

25 delen, uitgegeven 1933-1939. Uitgeverij Joost van den Vondel te Amsterdam.

Steen

1° Jan, schilder. * Ca. 1626 te Leiden, ✝ 3 Febr. 1679 aldaar. Leerling van Adr. v. Ostade en Jan v. Goyen, wiens dochter hij huwde. Hij werkte afwisselend te Leiden, Den Haag, Haarlem en Delft; behalve schilder was hij houder eener taveerne. Hij is een van de grootste genreschilders geweest, die ooit geleefd hebben. Uitbeelder van het menschel...

Lees verder
1928
2021-07-27
Wat is dat?

Wat is dat? Encyclopedie voor jongeren (1938).

Steen

Jan Havicksz. Steen (+/1626— 1679) is een onzer beroemdste i7de-eeuwse schilders. Hij werd te Leiden geboren en heeft hoofdzakelijk ook in den Haag, Haarlem en Delft gewoond.Hij ging eerst in de leer bij Knupfer in Utrecht en bij.v. Ostade in Haarlem, ten slotte werkte hij op het atelier van van Goyen in den Haag, die zijn schoonvader werd. H...

Lees verder
1916
2021-07-27
Oosthoek 1916

Nederlandse encyclopedie, uitgegeven van 1916-1925.

Steen

Steen - — zie BAKSTEEN, KUNSTSTEEN en NATUURSTEEN. — concrement, calculus, steenharde vormingen, voorkomende in de holten van het lichaam, doch daarmede niet vergroeid. Steenvorming komt meestal tot stand, doordat uit de lichaamsvochten zekere minerale en organische bestanddeelen neergeslagen worden en zich ophoopen rondom vaste punten. Dit neersla...

Lees verder