Xenócrates betekenis & definitie

Xenócrates. Onder dezen naam vermelden wij:

Xenócrates, een beroemd Grieksch wijsgeer, geboren in 397 (volgens anderen in 395) vóór Chr. te Chalcedon. Hij was een leerling en werd in 339 de tweede opvolger van Plato in de Académie, aan wier hoofd hij bleef tot aan zijn dood in 314. Tot zijne vermaardste leerlingen behooren Polemon, Crantor en Zeno. Wegens zijne bekende eerlijkheid zag Xenócrates zich meermalen door de Atheners belast met staatkundige zendingen. Hij beoefende alle deelen der wijsbegeerte, alsmede de rekenkunde, de meetkunde en de sterrekunde. Wij bezitten echter slechts kleine fragmenten van zijne geschriften. In navolging van Plato verdeelde hij de wijsbegeerte in dialectica, physica en ethica, beschouwde het wiskunstig getal als de overeenkomstige uitdrukking der ideeën en zocht het toe te passen op de begrippen van God, de wereld, de ziel enz.

Xenócrates, een Grieksch geneeskundige uit Aphrodisias. Hij leefde in de dagen van Tiberius of Nero, schreef in 70—75 na Chr. een boek over artsenijbereiding, alsmede eene verhandeling over eetbare waterdieren. In deze laatste vindt men alles wat in die dagen over visschen en weekdieren bekend was. Die geschriften zijn het eerst ter perse gelegd door Konrad Gesner (1559) en ook opgenomen in „Physici et medici graeci minores (1841)” van Ideler.

Laatst bijgewerkt 20-08-2018