Baai betekenis & definitie

Zoo noemt men in de eerste plaats een kleinen zeeboezem, — in de tweede plaats eene wollen stof, die tot de lakenachtige en meer bepaald tot de flanellen behoort, en welke men tot het vervaardigen van onderkleêren, zooals vrouwen-rokken en zeemans-hemden, als mede tot voering gebruikt, — en einde­lijk eene soort van fijn-gekorven tabak, die voor­al in Friesland algemeen wordt gerookt. ’t Zou ons niet bevreemden, zoo het woord baai-tabak eene verbastering was van Bahia-tabak.

Laatst bijgewerkt 19-03-2018