Winkler Prins 1870

Nederlandse encyclopedie

Gepubliceerd op 09-08-2018

Meer

betekenis & definitie

Een meer is eene natuurlijke waterkom, door land omgeven.

Veelal wordt een meer gevoed door ééne of meer rivieren, welke er zich in uitstorten, terwijl het desgelijks zich door eene rivier van zijn overtollig water ontlast. Men heeft meren, die wegens hunne uitgebreidheid den naam van zeeën dragen, zooals de Caspische Zee, de grootste van alle (84131/4de geogr. mijl), alsook andere, welke men alzoo genoemd heeft, bijv. de Doode Zee (231/3de geogr. mijl) in Palaestina.

Men verdeelt de meren in bronmeren, verstoken van voedende en voorzien van ontlastende rivieren, — riviermeren, van beide voorzien, — en steppenmeren, die gedeeltelijk eene voedende, maar geene ontlastende rivier, gedeeltelijk geene van beide bezitten.

Men splitst de meren voorts naar den aard van het water in zout- en zoetwatermeren. Voorts heeft men berg- en dalmeren, kratermeren, Alpenmeren enz. Het grootste Alpenmeer is het Baikalmeer; — men ontmoet onderscheidene bergmeren in het Schwarzwald, en de kratermeren hebben bij eene aanmerkelijke diepte eene cirkelvormige gedaante. Ook de hoogvlakten hebben meren, bijvoorbeeld het Zoutmeer in Utah, het Titicacameer in Bolivia, het Nyanzameer in het zuiden van Afrika enz.

De meren der lage vlakte zijn gewoonlijk ondiep en van vele eilanden voorzien; daartoe behooren, behalve de reeds genoemde Caspische Zee, het Meer van Aral, het Tsadmeer in Soedan, en de groote meren in Canada. De Caspische en de Doode Zee liggen veel lager dan de algemeene waterspiegel der zee. Daarentegen vindt men in Tibet een meer ter hoogte van omstreeks 5000 Ned. el. Sommige meren zijn slechts tijdeljjk van water voorzien, zooals het Czirknitzer meer. Tot de fraaiste meren in Europa behooren de Noord-Italiaansche, de Zwitsersche en Schotsche. In ons Vaderland is, behalve vele andere nog in den jongsten tijd, de Haarlemmermeer, eene uitgestrektheid van 18000 Ned. bunders, door indijking en droogmaling in vruchtbaar land herschapen, en er worden plannen gemaakt, om desgelijks sommige meren in Friesland, aan den landbouw dienstbaar te maken.