Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Gepubliceerd op 01-11-2018

2018-11-01

Ongelijkmatig

betekenis & definitie

Ongelijkmatig bn. niet gelijkmatig: eene ongelijkmatige verwarming; een ongelijkmatig humeur;

...MATIGHEID, v. (...heden);
...NAMIG, bn. niet gelijknamig, inz. in de wis- en natuurkunde; ongelijknamige breuken, die niet denzelfden noemer hebben;
— ongelijknamige grootheden, getallen, die niet denzelfden naam hebben;
...
SLACHTIG, bn. niet gelijkslachtig;
...SLACHTIGHEID, v.;
...SOORTIG, bn. niet van dezelfde soort, ongelijk; (stelk.) niet uit dezelfde letterfactoren bestaande : ongelijksoortige grootheden zijn b.v. la en lb;
...SOORTIGHEID, v.;
...VLOEIEND, bn. (taalk.) ongelijkvloeiende werkwoorden, thans sterke genoemd;
...VORMIG, bn.;
...ZIJDIG, bn. geen drie gelijke zijden hebbende, van een driehoek.