Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Gepubliceerd op 13-09-2018

Instituut

betekenis & definitie

INSTITUUT, o. (...tuten), instelling: het instituut van het huwelijk;

genootschap tot bevordering van kunsten en wetenschappen : het K. Instituut van Ingenieurs; het instituur Pasteur; instelling van onderwijs: het Indisch instituut het K. Instituut voor de Marine; kostschool;
— instelling van liefdadigheid : doofstommeninstituut;
— mv. dat deel van het Corpus juris (verzameling van Romeinsche wetten van keizer Justinianus), waarin de eerste beginselen van ’t Romeinsche recht zijn opgesteld.