Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Gepubliceerd op 12-09-2018

2018-09-12

Helleveeg

betekenis & definitie

HELLEVEEG, v. (...vegen), duivelin, boosaardig, kwaadaardig wijf;

...VORST, m. de duivel, Satan;

...WACHT, m. (dicht.) de wachter der hel, de helhond;
...WAGEN, m. (Zuidn.) het sterrenbeeld de Groote Beer;
...WICHT, o. (-en), booswicht, verdoemde, monster uit de hel.