Haagbeuk betekenis & definitie

HAAGBEUK, m. (-en), eene soort van beuk (carpinus betulus) die het meest voor heggen gekweekt wordt. HAAGBEUKEN, bn. van haagbeukenhout: haagbeuken kammen (in een rad). HAAGBEUKENHOUT, o. het hout van den haagbeuk, dat wit en zeer hard is.

Laatst bijgewerkt 12-09-2018