Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Gepubliceerd op 12-09-2018

2018-09-12

Grondgebied

betekenis & definitie

GRONDGEBIED, o. (w. g.) heerschappij over den grond;

— eene uitgestrektheid gronde waarover bewind wordt gevoerd een rijk, eene heerlijkheid, eene jurisdictie enz. hij werd buiten het grondgebied der stad gebracht; wij bevonden ons op Pruisisch grondgebied; afstand of ruiling van grondgebied, van een stuk rijksgrond;
— vreemd grondgebied, waar een vreemde meester is;
— neutraal grondgebied, dat niet in een strijd betrokken mag worden;
— (fig.) terrein, veld: de huishouding behoort rechtens tot het grondgebied der vrouw;
— de redenaar kwam vervolgens op militair grondgebied, handelde over krijgszaken.