Gaandeweg betekenis & definitie

GAANDEWEG, bw. (van tijd) van lieverlede, allengskens, langzamerhand: gaandeweg vonden zijne raadgevingen ingang; — (zeew.) gaandeweg afhouden, langzamerhand het schip meer vóór den wind brengen.

Laatst bijgewerkt 02-09-2018