Encyclopedie van Friesland

Encyclopedie van Friesland (1958) onder redactie van Prof. Dr. J.H. Brouwer

Gepubliceerd op 22-01-2020

2020-01-22

TUCHTHUIS

betekenis & definitie

Lwd. is vrijwel de enige stad in Frl. die met weinig onderbreking van 1598-1837 een T. heeft gehad, eerst stedelijk, toen prov. De spinhuizen van Bolsward, Sneek en Workum waren geen vrouwengevangenissen als elders in Nederland.

Het Leeuwarder T. was derde der toen. nieuwe strafgestichten (Amsterdam 1596, Leiden 1598). Doel was lediggang en bedelarij te bestrijden en moedwillige en weerbarstige jongelui ‘mores’ te leren. De kerk van het voormalige klooster der grauwe begijnen (Westerkerk) werd T. en werkhuis voor de stad, na 1609 voor de prov. (geen rasp- en spinhuis). Men streefde echter naar ‘de oprechtinge van een generaal T.’ voor de prov. Na bezoeken van autoriteiten aan het Amsterdamse T. bleef de zaak slepen tot 1661 ’s Lands T. en werkhuis voor de hele prov. te Lwd. werd opgericht ter beteugeling van bedelarij, lediggang, maar ook om misdaden (geen halsmisdaden) te straffen. In 1754 werd dit gebouw op het Blokhuisplein door brandstichting van muitzieke elementen onder de gedetineerden grotendeels vernield.

Een nieuw T. en werkhuis ter plaatse werd 1756 betrokken, waarin voor werkverschaffing in 1762 een bontrederij en dekenfabriek zijn ondergebracht. Het geheel telde 32 zalen en vertrekken en de inrichting werd ca. 1781 door de Engelse gevangenishervormer John Howard geprezen als de beste in de hele Republiek. In 1821, bij de eerste Nederlandse gevangenisorganisatie, werd het Leeuwarder T. ‘Huis van Opsluiting en Tuchtiging’, een der centrale grote gevangenissen van het Verenigd Koninkrijk, zie Gevangenis.

Zie: L. G. Bouricius, Over de gevangenissen in Ned. (1838-40); J. M. v. Bemmelen, Van zedelijke verbetering tot reclassering (Den Haag 1923); Ts. voor Strafrecht XL, 3; LXII, 4; LXTV; T. V. G. (1954), 355-373.