Synoniemen van zij

ze
2019-10-21

zij

zij - Persoonlijk voornaamwoord 1. 3e persoon enkelvoud vrouwelijk, nominatief Heeft zij dat gezegd of was het haar echtgenoot? 2. 3e persoon meervoud, nominatief Hebben zij dat gedaan of was het de oppositie? zij - Zelfstandignaamwoord 1. (anatomie) één van beide kanten van een lichaam. Hij lag niet op zijn zij, maar op zijn rug....

2019-10-21

zij

zij - voornaamwoord 1. derde persoon enkelvoud vrouwelijk, of meervoud, subject ♢ gaan Jan en Josien ook mee? Zij wel, maar hij niet Voornaamwoord: zij Synoniemen ze