2020-01-26

Sport

Ieder kind hoort een of andere sport te doen. Het is verstandig om een kind in elk geval op een sport te doen, want bewegen is goed voor de ontwikkeling van kinderen. Toch zal het geen succes zijn als je kind er zelf helemaal niets in ziet. Er zijn nu eenmaal kinderen die niet van sporten of sportclubs houden. Er zijn genoeg andere manieren om een kind aan voldoende beweging te laten komen. Samen fietsen, naar het zwembad gaan en buiten spelen zijn daarvoor geschikt. Het voordeel van een sport i...

2020-01-26

sport

(de; -en) 1 SP - sport is activiteit van een of meer mensen die middels lichamelijke en/of geestelijke inspanning binnen gestelde regels, of daar buiten voorzover niet teruggefloten, zoeken naar fitheid van lichaam en geest in competitie met ander(en), georganiseerd door een daartoe erkende bevoegdheid (bond), waarbij winnen (meestal) voorop staat: aan sport doen. • Sport is een vrijwillige poging om onnodig opgeworpen obstakels te overwinnen. (Canadese sportfilosoof Bernard Suits) 2 AL (aan s...

2020-01-26

Sport

Sport - omvat de verschillende spelen en oefeningen, waarin een gymnastisch goed ontwikkeld lichaam verdere ontspanning en oefening van lichaam en geest, zoekt. De beoefening berust op lichamelijke kracht, behendigheid, routine, enz. Moeilijk is een grens te trekken tusschen sport en spel. Bij sportbeoefening komt naast de ontwikkeling van het lichaam het karakter van mededinging op den voorgrond. Dit. prikkelt en het behalen van de overwinning geeft vooral voor jonge menschen een zeker doel aan...

2020-01-26

sport

sport - v., stelselmatige lichaamsoefening en spel in de openlucht; wedrennen, jacht, balspelen, schieten, enz.

2020-01-26

Sport

Sport kan op een krachtige manier bijdragen aan een fatsoenlijke samenleving. Kinderen van alle etniciteiten hebben bij bijvoorbeeld voetballen samen maar één doel: goed voetballen. Bij het nastreven van dat gezamenlijke doel moeten kinderen zich inzetten, leren incasseren, leren kritiek verdragen, leren samenwerken, etc Op voetbalclubs ontstaan soms ergernissen omdat allochtone ouders vaak minder meedoen aan het rijden van kinderen en bijv. minder vrijwilligerswerk doen in de kantine. Sommige...

2020-01-26

Sport

Sport is een Engelsch woord, hetwelk vermaak of spel beteekent, inzonderheid een zoodanig, waaraan de aanzienlijken des lands zich wijden tot versterking des ligchaams, zooals harddraverij, jagt, roeijen, boksen, het cricketspel enz.

2020-01-26

sport

sport - Zelfstandignaamwoord 1. (sport), lichamelijke bezigheid ter ontspanning of als beroep met spel- of wedstrijdelement waarbij conditie en vaardigheid vereist zijn 2. trede van een ladder 3. stoelspaak sport - Werkwoord 1. enkelvoud tegenwoordige tijd van sporten 2. gebiedenwijs van sporten

2020-01-26

Sport

Voortgekomen uit Engelschen spel-stijl, geheel eigen aan den Engelschen volksaard, was s. oorspronkelijk de ontspanningsvorm, waarbij de prestatie-streving geleid werd door sportief gedrag. Overgebracht naar het vasteland, is het materieele prestatieelement als het voornaamste beschouwd en hierop heeft zich de s. gebaseerd en ontwikkeld. Het is verklaarbaar, hoe de economisch ingestelde mensch vnl. getrokken werd door het resultaat van de beweging, in getallen uitdrukbaar. Hier is ook het wezenl...

2020-01-26

Sport

Sport is een buitengewoon moeilijk woord om te definiëren. Probeer zelf maar eens een omschrijving te vinden die de lading volledig dekt. Dat valt bepaald niet mee. Ter illustratie de definitie die Van Dale er op nahoudt: lichamelijke bezigheid met spel- en wedstrijdelement, beroepshalve of ter ontspanning bedreven. Betekent dit dat schaken en dammen – bij gebrek aan lichamelijke activiteit – buiten de boot vallen? En is knikkeren – toch algemeen als spelletje gezien &nda...

2020-01-26

Sport

Sport is een fysieke bezigheid met vaste regels en waarbij vaak sprake is van competitieverband. Sporten kunnen ook recreatief beoefend worden. Aan sport wordt al eeuwenlang gedaan. In het Oude Griekenland speelde de lichamelijke ontwikkeling een grote rol. Vooral veel adellijke mannen sportten, omdat met sport, naast oorlog, veel roem te behalen viel. Toen er voor de oorlogsvoering ook burgers nodig waren, werden er sportscholen opgericht. Hier konden ook de gewone burgers sporten, om zo te tra...

2020-01-26

sport

(de; -en) SP - sport is een activiteit van een of meer mensen die middels lichamelijke en/of geestelijke inspanning binnen gestelde regels, of daarbuiten voorzover niet teruggefloten, zoeken naar fitheid van lichaam en geest in competitie met ander(en), georganiseerd door een daartoe erkende bevoegdheid, waarbij winnen (meestal) voorop staat: een sport van iets maken, het doen met ambitie en strevend naar bepaalde prestaties, het graag en veel doen, voor zijn plezier; iets voor de sport doen, al...

2020-01-26

sport

(de; -en) SP - sport is een activiteit van een of meer mensen die middels lichamelijke en/of geestelijke inspanning binnen gestelde regels, of daarbuiten voorzover niet teruggefloten, zoeken naar fitheid van lichaam en geest in competitie met ander(en), georganiseerd door een daartoe erkende bevoegdheid, waarbij winnen (meestal) voorop staat; (fig.) een sport van iets maken, het doen met ambitie en strevend naar bepaalde prestaties, het graag en veel doen, voor zijn plezier; iets voor de sport d...

2020-01-26

sport

sport - zelfstandig naamwoord 1. activiteit waarbij je je lichamelijk inspant ♢ zij doet niets aan sport 1. denksporten [schaken en dammen] 2. er een sport van maken [een kwalijke bezigheid tot gewoonte maken] Zelfstandig naamwoord: sport de sport

2020-01-26

Sport

Engelsch woord, waarvan de oorspronkelijke beteekenis verwant is aan spel en scherts. Het duidt aan, alle vermaak en uitspanning in de openlucht, die vaardigheid en kracht vordert en bevordert. Spel en sport zijn wezenlijk onderscheiden, wijl het spel niet, sport daarentegen altijd een bepaald doel heeft, waarop zij zich concentreert. Daardoor biedt het spel ruimer gelegenheid tot vrije ontplooiing van kracht en der persoonlijkheid dan de sport. Gymnastiek draagt in onderscheiding van sport een...

2019-05-02

Sport, van den sport

Sport, van den sport - Vlaams voor lesbisch. Die is van den sport.

2018-12-06

1. SPORT

1. SPORT - v. (-en), trede eener ladder; (zeew.) houten klamp in eene stormladder; op de onderste, bovenste sport eener ladder staan; — (fig.) hij is op de eerste sport gestegen; menschen op de bovenste sporten der maatschappij, uit de hoogste kringen; — —dwarshout, spaak in een stoel. SPORTJE, o. (-s).

2019-06-08

sport (meubelonderdelen)

sport (meubelonderdelen) - Horizontale delen die de poten van meubels verbinden en steunen.

2019-10-22

Techniek (sport)

(sport). De t. omvat alle bewegingselementen, die afzonderlijk of in combinatie worden toegepast. Is het tegelijkertijd uitvoeren (bijv. springen en draaien) reeds moeilijker, bijzondere moeilijkheden levert de t. op, wanneer spel-, spring- of werpmateriaal en dan vaak nog op voorgeschreven wijze gebruikt worden. Langen tijd is de t. toonaangevend geweest, vooral bij het trainen. Het technisch beheerschen der sporthandelingen is echter niet synoniem met de tactische toepassing. Verbeterde inzich...

2019-01-12

Polo (sport)

Polo (sport) - (van pulu, de Thibetaansche naam voor bal), (paardensport), een spel met 2 partijen, waarbij de bedoeling voorzit, om een kleinen bal (3 inches middenlijn) met een langen stok (4 voet), aan het eind waarvan een hamervormig dwarsstuk, tusschen de beide doelpalen van de tegenpartij te slaan. Volgens de tegenwoordig in Eng. heerschende regels van de Hurlingham Club moet de afstand van beide doelen minstens 250 yards bedragen, die tusschen de doelpalen 8 yards. Beide partijen kunnen 3...

2018-12-06

2. SPORT

2. SPORT - (Eng.), v. ontspanning in de openlucht, die vaardigheid en kracht vordert en bevordert, zooals jagen, visschen, roeien, wielrijden, voetballen enz.: veel aan sport doen; de sport beoefenen; (Z. A.) sport hebben, pret hebben.