Wat is de betekenis van Duivel?

2019
2021-10-24
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

duivel

duivel - Zelfstandignaamwoord 1. (mythologie), (religie) de personificatie van het kwaad Zoals god en de engelen de personificaties zijn van het goede, zo is de duivel de personificatie van het kwade. Woordherkomst Van gr. diabolos (belasteraar), van gri. diaballein (belasteren, uiteenwer...

Lees verder
2018
2021-10-24
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

duivel

duivel - zelfstandig naamwoord uitspraak: dui-vel 1. het kwaad, voorgesteld als een mannetje met horens ♢ de duivel kan ervoor zorgen dat je in de hel terechtkomt 1. als je van de duivel spreekt, trap je op z'n staart ...

Lees verder
2010
2021-10-24
Wielerwoordenboek

Geschreven door Fons Leroy en Wim van Rooy

Duivel

Duivel: sedert 1993 maakt de Duitser Didi Senft (1952), verkleed als duivel, de tourwegen onveilig. Met zijn grote drievork moedigt hij de renners in de Tour aan. Didi Senft is een gewezen amateur die tot zijn spijt nooit aan de Vredeskoers kon deelnemen en daarom besloot op een originele manier te gaan supporteren. Hij verlegde stilaan zijn domein...

Lees verder
2007
2021-10-24
Scheldwoordenboek

Geschreven door Marc de Coster © 2007

duivel

verachtelijk persoon. Vooral in de vorm lelijke duivel. Reeds opgetekend bij Bredero: ‘Gy leelijcke duyvel, wel wat sal jou ghebreecken? Fy gy bulle-back!’ Luister eens, jij jonge duivel. Hoe heb je de kapitein zo gek gekregen, dat-ie ons met zijn motorsloep laat vertrekken? (Willy van der Heide, Een speurtocht door Noord-Afrika, 1952)&...

Lees verder
2004
2021-10-24
Ikonen Lexicon

Geschreven door Karin Braamhorst, 2004

Duivel

De duivel is de personificatie van het Kwaad, de tegenstander van God. Het woord komt vooral in het nieuwe testament voor de duivel stelt mensen op de proef en klaagt hen aan bij God (Matteus 4: 1-11). In de bijbel wordt hiervoor ook het woord ‘Satan’ gebruikt, wat ‘aanklager’ betekent (Job 1: 6-12; Openbaring 12: 9- 10). Op iconen worden duivels v...

Lees verder
2002
2021-10-24
Funerair Lexicon

Encyclopedisch woordenboek over de dood (2002)

Duivel

In het Grieks diabolos, lasteraar, waarmee in de Griekse bijbelvertaling het hebreeuwse woord 'satan' is weergegeven. Het is de meest gebruikelijke naam voor de boze geest die in de bijbel optreedt als grote tegenstander van God en die uit haat tegen God de mens in het verderf wil storten. In de mythologie wordt de duivel meestal aangeduid als demo...

Lees verder
2000
2021-10-24
Bijbels Lexicon

Door Karina van Dalen-Oskam & Marijke Mooijaart

Duivel

Duivel, kwade geest; (fig.) het kwaad; (fig.) slecht, verdorven persoon. Duivel is een vroege ontlening, via het Latijn, uit Grieks diabolos ‘lasteraar, aanklager’. In de bijbel komt het gepersonifieerde kwaad vrijwel alleen in het Nieuwe Testament onder deze naam voor; enkele van de vele andere benamingen zijn de antichrist, Beëlzebul, de boze, on...

Lees verder
1999
2021-10-24
Encyclopedie Groningen

Nieuwe Groninger Encyclopedie

Duivel

Speelt een belangrijke rol in de Groninger volksoverlevering, in het geloof en het volksgeloof. Hem noemen was hem oproepen, vandaar de vele voorzichtig omschrijvende (Groninger) namen voor Satan, Gods wederzaker, de grote vijand: Ol Jong, Olle Vent, Olle Boas, Olle Zwaar de, (Olle) Bijvoet, Olle Smoel, Olle Smiechel, Olle Deugniet, Olle Pait, Olle...

Lees verder
1997
2021-10-24
Vloeken

Prof. dr. P.G.J. van Sterkenburg: Vloeken, een cultuurbepaalde reactie op woede, irritatie en frustratie (SDU, 2001).

duivel

Het Nederlandse woord duivel is ontstaan uit het Griekse diabolos, dat ‘lasteraar’ betekent. In de Middeleeuwen was viant ‘vijand’ vaak de naam voor duivel. Daarnaast komen voor satan ‘vijand’ en Lucifer, de opperduivel. In vroeger eeuwen, toen engelen, vagevuur, hemel en...

Lees verder
1992
2021-10-24
Symbolen

Hans Biedermann

duivel

(Gr. diabolos, ‘lasteraar’), de tegenstrever en wargeest (Hebreeuws: Satan), is de vorst van de hel, die tegenover God in de hemel staat. Zijn attributen lijkt hij vooral aan de Etruskische doodsdemon Charun te ontlenen: een giersnavelachtige neus, spitse dierlijke oren, vleugels, zwijnachtige tanden (net als de demon Toegoelga), en een...

Lees verder
1990
2021-10-24
Art & Architecture Thesaurus

Art & Architecture Thesaurus

duivel

duivel - Het boze beginsel als persoon gedacht.

1985
2021-10-24
Encyclopedie van Noord Brabant

Anton van Oirschot (1985-1986)

DUIVEL

speelt een rol in diverse sagen en legenden in Brabant, als verschijning met bokkepoten (café De Kers in Oerle); als zwarte ridder (in Nieuwkuyk waar een kasteel zou zijn verzonken), op heksensabbath in diverse plaatsen (Geldrop, Leende, Bergeijk). De duivel neemt in de verhalen ook niet-gewijde klokken mee, zoals een klok te Bokhoven, zo zo...

Lees verder
1982
2021-10-24
De Tale Kanaans

J. van Delden

duivel

Gr. diabolos, aanklager, kwaadspreker, Hebr. sjatan, lasteraar, de personificatie van het kwaad.

1981
2021-10-24
Zelfstudie

Encyclopedie voor Zelfstudie

Duivel

ook satan genoemd, de tegenstander van God, een bovenaards en daardoor onzichtbaar wezen, waarin zich de macht van het kwade belichaamt.

1973
2021-10-24
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

Duivel

[Gr. diabolos, lasteraar], m. (-en, -s), 1. het boze beginsel als persoon gedacht, in de christelijke opvatting Satan, vorst der duisternis, ook wel de gevallen aartsengel Lucifer, die heerst over de gevallen engelen: zijn ziel aan de duivel verkopen; de duivel en zijn moer, zijn grootje; hij is van de duivel bezeten, de duivel werkt in hem, (fig.)...

Lees verder
1955
2021-10-24
Katholicisme encyclopedie

Onder redactie van Prof. dr. J.C. Groot

DUIVEL

(Gr.: diabolos, vertaling van het Hebreeuwse sjatan, lasteraar) is de figuur die in het N.T. Satan en verder Beëlzebub, Belial, overste der wereld, god van deze eeuw (2 Kor. 4 : 4) wordt ge-noemd en daar optreedt als „de vijand”, de Boze (Matth. 6 : 13), de grote tegenstander van God (1 Petr. 5 : 8), de verzoeker en aanklager der m...

Lees verder
1954
2021-10-24
Groninger Encyclopedie

K. ter Laan

Duivel

gevreesd als de persoonlijke vijand van de mensen. In 1834 gaf A. van der Ree uit: Nauwkeurig onderzoek, oi de vorst der duisternis op deze benedenwereld invloed kan hebben, toestemmend beantwoord. Zie ook hoesten. M. D. Teenstra heeft het duivelgeloof krachtig bestreden. Men zag in lucht en vuur en water, In de aarde, in 't w...

Lees verder
1952
2021-10-24
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Duivel

s., divel, duvel, deale, kweade hantsjepik, drommel, koarthakke, wrikken, wrigge(rt).

1950
2021-10-24
Groot woordenboek der Nederlandse taal - 1950

Nederlands woordenboek (7e druk)

Duivel

in. (-en, -s), in verzachte vorm DUVEL, 1. het boze beginsel als persoon gedacht, in de Christ. opvatting de gevallen aartsengel Lucifer, dan Satan of Beëlzebub genoemd en heersend over de andere gevallen engelen die ook wel als duivels voorgesteld worden: Jezus geleid in de woestijn om verzocht te worden van de duivel (Matth. 4:...

Lees verder
1949
2021-10-24
De Kleine Winkler Prins

Kleine Winkler Prins van A-Z

Duivel

(van Gr. diabolos, lasteraar). De D. klaagt in de oude godsdiensten (Israël) de mensen bij God aan. Afgunstig op de mensen en hen tot kwaad aanzettend, wordt hij uit de hemel gestoten en staat sedert aan het hoofd van een leger van satans (Hebr. tegenstanders). De gedachte van twee „rijken” (aionen), dat van het goede, van God, en...

Lees verder