Sabijnen betekenis & definitie

Sabijnen is de naam der oorspronkelijke bewoners van Midden-Italië. Zij zijn blijkbaar van Indo-Germaanschen stam. Hun naam wordt doorgaans afgeleid van hun stamvader Sabinus, een zoon van hunnen god Sancus. De oudste sporen van dit volk vindt men in de omstreken van Amiternum, aan den voet van de hoofdketen der Apennijnen, vanwaar zij in de vallei van Reate (Riéti) afdaalden en zich zuidwaarts uitbreidden tot digt bij Rome.

De Sabijnen van Cures vereenigden zich met het Romeinsche volk, doch de overigen voerden gedurig oorlog met de Romeinen, totdat zij in 290 vóór Chr. door M. Curius Dentatus tot volkomene onderwerping werden gebragt. Voorts erlangden zij door volksverhuizing de overhand bij vele aangrenzende stammen, zoodat zij zelfs tot in Campanië doordrongen. Van hunne steden vermelden wij, op hun eigen gebied: Amiternum, Reate, Cures, Eretum en Nomentum, — bij de Paeligniërs: Corfinium en Sulmo, — en in Samnium: Aesernia, Bovianum, Aquilonia, Beneventum, Venafrum, Allifae en Caudium. Tot de rivieren behooren er: de Nar, de Aesis, de Atemus, de Frento en de Liris, en tot de meren: het Lacus Fucinus en het Lacus Velinus. Al die volkeren waren vermaard wegens hunne dapperheid en zijn eerst onderworpen door eene reeks van oorlogen, welke van 343 tot 266 aanhielden. Vooral de Samnieten boden een heftigen tegenstand en ontvingen door den Bondgenooten-oorlog (91—88) het Romeinsche burgerregt.

Laatst bijgewerkt 14-08-2018