Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Gepubliceerd op 29-11-2018

2018-11-29

Regelmatig

betekenis & definitie

Regelmatig - bn. bw. (-er, -st), (wisk.) een regelmatige veelhoek, waarvan de zijden en de hoeken even groot zijn;

— een regelmatig lichaam, ingesloten door regelmatige congruente vlakken;
— (taalk.) een regelmatig werkwoord, dat in geen enkel opzicht van de gewone regels der vervoeging afwijkt;
— regelmatig schrift, goed gelijk;
— regelmatig leven, geregeld, zonder afwijkingen;
— regelmatig werken, zonder stoornis. REGELMATIGLIJK, bw. (w. g.)