Regelmatig
bn. bw. (-er, -st), 1. waarvan de delen of maten ten opzichte van elkaar in vaste verhouding staan of blijven: regelmatig schrift; op regelmatige afstanden; — (wisk.) regelmatige figuren (zoals gelijkbenige driehoeken, parallellogrammen, cirkels enz.); een regelmatige veelhoek, waarvan de zijden en hoeken even groo...