Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Gepubliceerd op 06-09-2018

2018-09-06

Goel

betekenis & definitie

m. (oudt.) een bloedwreker bij de Joden: de naaste bloedverwant eens vermoorden, die het recht had den moordenaar op te zoeken, om hem te dooden;

— (bij de Christenen) de Heiland, omdat hij de zielen der menschen heeft teruggeëischt.