1. (Zuidn.) door bijten verjagen ;
2. (Zuidn.) doodbijten ;
3. met moeite inhouden, onderdrukken door te bijten, de tanden op elkaar te drukken of op de lippen te bijten : zijn lach verbijten ; zij verbeet haar pijn ; — (wederk., fig.) zich met moeite inhouden : ik stond mij van woede te verbijten.
Studenten en medewerkers van onderwijsinstellingen hebben gratis toegang.
Ensie voor jouw (onderwijs)instelling? Bekijk de mogelijkheden.