Groot woordenboek der Nederlandse taal

Van Dale Uitgevers (1950)

Gepubliceerd op 01-01-2021

Takken

betekenis & definitie

I. (takte, heeft getakt), (gew.)

1. grijpen, pakken, te pakken krijgen;
2. aanraken;
3. slaan,

II. (takte, heeft en is getakt),

1. takken hebben, krijgen;
2. snoeien, de nutteloze takken wegsnijden : een boom takken ;
3. op een tak een rustplaats zoeken: fazanten die ’s avonds takken.

< >