Lelie betekenis & definitie

De lelie is een bloem waaraan veel symbolische waarde wordt toegekend. Lang hiervoor genoot de lelie al een hoog aanzien.

Als motief voor decoratie was de lelie geliefd in Egypte, in Griekenland en dan specifiek op het eiland Kreta, en in Mycene, dat in de oudheid een belangrijke stad was. In de dichtkunst wordt de stem van de cicaden en van de muzen 'lelie-achtig' genoemd in de betekenis van teder. De mythe laat leliën ontspruiten aan de melk van Hera. De liefdesgodin Aphrodite haatte de plant om haar onschuld. Zij plantte er de stempel in die aan de fallus van een ezel herinnert. Echter werd de lelie in het christendom het symbool voor reine, maagdelijke liefde. De aartsengel Gabriël wordt meestal met een lelie in de hand afgebeeld, ook voedstervader Jozef en ook Joachim en Anna, de ouders van Maria. Belangrijk is het 'fleur-de-lis'-motief in de wapenkunde. Chlodwig I (481-511) zou van een engel een lelie hebben gekregen. Sinds 1179 sierde een lelie het wapen van de koningen van Frankrijk. Via Lodewijk XI kwam de lelie terecht in het wapen van de Medici en hierna in de wapens van Florence en Toscane. Het verschil tussen de lelie van de Bourbons en de Florentijnse is dat alleen de laatste meeldraden heeft. In de volkssymboliek is de lelie niet alleen het symbool van reinheid maar ook dat van de 'bleke dood'.

Gepubliceerd op 08-04-2015