Biologie betekenis & definitie

Biologie is de studie van alle levende organismen. Ook de structuur, werking, oorsprong en evolutie, spreiding, classificatie en onderlinge verbanden behoren tot de biologie.

Een definitie van ‘leven’ is niet makkelijk te geven. Biologie is daarom ook een zeer breed onderwerp. Biologie heeft veel onderverdelingen, onderwerpen en disciplines. Er zijn vijf verenigde principes die worden beschouwd als de fundamentele grondbeginselen van de huidige biologie. Dit zijn dat cellen de basale bouwstenen van het leven zijn, genen de fundamentele eenheid van erfelijkheid zijn, nieuwe soorten en erfelijke eigenschappen het product zijn van de evolutie, een organisme het vermogen heeft om het interne milieu constant te houden en de laatste: organismen consumeren en transformeren energie.

In de 18e en 19e eeuw specialiseerden onderzoekers zich. Charles Darwin, Alexander van Humboldt en Mendel zijn bekende wetenschappers uit deze periode. Deze wetenschappers legden mede de basis voor onder meer de evolutiebiologie, de ethologie, de bacteriologie en de genetica.

In de 19e eeuw zijn dan ook de drie grondslagen van de biologie geformuleerd. Dit zijn de celtheorie, de evolutietheorie en de materialistische verklaring van het leven. De celtheorie houdt in dat alle levende wezens gemeenschappelijk hebben dat ze uit één of meer cellen bestaan en dat nieuw leven alleen kan onstaan uit bestaand leven. De evolutietheorie houdt in dat alle levende organismen ontstaan zijn uit dezelfde oorsprong. De materialistische verklaring houdt in dat het leven zonder de veronderstelling van een geheimzinnige levenskracht mogelijk is. Destijds werd namelijk het leven als iets gezien dat niet materialistisch verklaard kon worden. Maar ontwikkelingen in de biochemie en microbiologie ontkrachtte dit.

Gepubliceerd op 15-09-2016