Wat is de betekenis van Namen?

2020
2022-09-26
Meertens Instituut

Nederlandse Voornamenbank

Namen

Zie Name

2019
2022-09-26
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

Namen

Namen - Eigennaam 1. (toponiem: provincie) een provincie in het oosten van België 2. (toponiem) stad in de gelijknamige Belgische provincie Zie ook namen

Lees verder
1982
2022-09-26
Encyclopedie van Zeeland

Alles over Zeeland

NAMEN

Woorden waarmee natuurlijke personen en zaken worden aangeduid. Sedert de vroege middeleeuwen zijn ons uit het gebied van de tegenwoordige provincie Zeeland eigennamen overgeleverd, nl. antroponiemen of persoonsnamen en toponiemen of geografische namen. Ze zijn van belang voor de taalgeschiedenis en kunnen ons ook inlichtingen verschaffen over de b...

Lees verder
1970
2022-09-26
Antiek encyclopedie

De grote encyclopedie van antiek

Namen

begon enige keramische bedrijvigheid te ontwikkelen in de 17de eeuw. toen Jean-Baptiste Chabotteau in de prov. Namen een grès-industrie vestigde. In 1766/1767 vervaardigde Pierre Decoux tinhoudende faience. Een manufactuur van steengoed (faience fine) werd in 1775 te St.-Servais, voorstad van de stad Namen door Nicolas Claudel geopend. Nadat...

Lees verder
1964
2022-09-26
voornamen

Voornamenboek

Namen

m -> Name (Fri.).

1955
2022-09-26
Katholicisme encyclopedie

Onder redactie van Prof. dr. J.C. Groot

NAMEN

hoofdstad van de gelijknamige Belgische provincie, werd voor het eerst in 1559, bij de nieuwe kerkelijke indeling van de Nederlanden, de zetel van een zelfstandig bisdom. Voordien behoorde het graafschap Namen tot het bisdom Luik. Als suffragaanbisdom maakte het tot 1801 deel uit van de kerkprovincie Kamerijk, daarna van de kerkprovincie Mechelen....

Lees verder
1950
2022-09-26
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Nederlands woordenboek (7e druk - 1950)

Namen

(naamde, heeft genaamd), (veroud.) noemen, benoemen, nog over in genaamd.

1949
2022-09-26
De Kleine Winkler Prins

Encyclopedie van A tot Z - 1949

Namen

(1), Belgische prov., 3660 km2, 351.000 inw. (1946). Ten N. van de Maas vruchtbare kleigrond, waarop tarwe en suikerbieten worden geteeld, ten Z. van de Maas de hoogvlakten van de Belgische Ardennen, met landbouw en veeteelt. De provincie is rijk aan mineralen (steenkolen, ijzer), waardoor zich in de dalen van de Maas en de Samber een levendige ind...

Lees verder
1933
2022-09-26
Iedereen

Encyclopedie voor Iedereen

Namen

Fransch: Namur, hoofdst. v/d Belg, prov. N. a/d monding v/d Sambre i/d Maas. Vesting 33 000 inw.; ijzer- en steenkolenmijnen.

Lees verder
1933
2022-09-26
Katholieke Encyclopaedie

25 delen, uitgegeven 1933-1939. Uitgeverij Joost van den Vondel te Amsterdam.

Namen

(Fr. Namur) (zie pl.; vgl. index in kol. 831). A) Provincie in het Z. van België; opp. ca. 3 660 km2; ca. 360 000 inw. (vnl. Kath.). De prov. wordt begrensd: ten N.W. door de prov. Brabant, ten N.O. door de prov. Luik, ten O. en Z.O. door de prov. Luxemburg, ten Z. door Frankrijk, ten W. door de prov. Henegouwen. Landstreken. Over N. strekke...

Lees verder
1930
2022-09-26
Jozef Verschueren

Modern Woordenboek (1930-1961)

Namen

('na:mən) I. hoofdstad van de provincie Namen, 1028 ha, 31 424 inw. Zetel van een bisdom. Metaalnijverheid, inz. spoorwegmateriaal: glasnijverheid, chemische industrie, boekindustrie, papiernijverheid, steengroeven. II. o. provincie in België. Hoofdstad: Namen. 1. Aardrijkskundig. Oppervlakte 4418 km2. Bodem. Ten noorden van de Sambe...

Lees verder
1916
2022-09-26
Oosthoek 1916

Nederlandse encyclopedie, uitgegeven van 1916-1925.

Namen

Namen - (Namur), 1) Belgische provincie, oppervlakte 3660 K.M.2, begrensd door Brabant en Luik (N.), Luxemburg (O.), Henegouwen (W.) en Frankrijk (Z.). Voor een groot gedeelte stroomgebied van Maas en zijrivieren: Vironin en Sambre (1.) en Lesse en Bocq (r.). Grootendeels bergland. De bodem is rijk aan ijzer, lood, marmer, blauwen steen, leisteen b...

Lees verder
1908
2022-09-26
Vivat

Schrijver op Ensie

Namen

(Namur). 1) Belgische prov., begrensd door Brabant, Luik, Luxemburg, Henegouwen en Frankrijk. Hoofdrivier: Maas met zijriv. Sambre en Lesse. Behalve de voortbrengselen van den akkerbouw, is de prov. N. rijk aan jjzer, lood, marmer, blauwen steen (Namursche steen), leisteen, steenkolen, poten pijpaarde. Voorn, steden: Namen en Dinant. Onder de frans...

Lees verder
1898
2022-09-26
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Namen

Namen (naamde, heeft genaamd), (veroud.) noemen, benoemen, nog over in genaamd.

1870
2022-09-26
Winkler Prins 1870

Nederlandse encyclopedie

Namen

Namen (Namur), eene Belgische provincie, grenst in het noorden aan de provincie Brabant, in het noordoosten aan Luik, in het zuidoosten aan Luxemburg, in het zuiden aan Frankrijk en in het westen aan Henegouwen, en telt op bijna 66½ geogr. mijl ruim 316000 inwoners (1874). Het land is er over het geheel bergachtig, daar de Ardennen er zich ter hoog...

Lees verder
1869
2022-09-26
Geographisch

Geographisch-woordenboek

Namen

1) voormalig dorp in Zeeland, ten N. O. van de stad Hulst, werd op Kerstdag 1717 door den grooten watervloed totaal verwoest. 2) stad in België; zie NAMUU.

Lees verder
1864
2022-09-26
Nieuw woordenboek der Nederlandsche taal

I.M. Calisch (1864)

Namen

Namen, bw. gel. (ik naamde, heb genaamd), noemen. *-s, bijw. in den naam van, uit naam van.