Wat is de betekenis van Namenaar?

2020
2022-12-06
Algemeen Nederlands Woordenboek

Digitaal woordenboek van eigentijdse Nederlands

Namenaar

iemand uit Namen. iemand die afkomstig is uit de stad of de provincie Namen; inwoner van de stad of de provincie Namen. Voorbeelden: Onder druk van de bevolking schreef de gemeenteraad van Namen een referendum uit, waarin de Namenaars hun mening konden geven over de vestigingsplaats voor het nieuw gebouw van het Waalse parlement. ...

Lees verder
2019
2022-12-06
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

Namenaar

Namenaar - Zelfstandignaamwoord 1. (demoniem) een inwoner van Namen, of iemand afkomstig uit Namen Woordherkomst Afgeleid van Namen met het achtervoegsel -aar

Lees verder
1930
2022-12-06
Jozef Verschueren

Modern Woordenboek (1930-1961)

Namenaar

('na:məna:r) m. (—s) man (afkomstig) van, uit Namen.

Gerelateerde zoekopdrachten