Bel
I. v. (-len), 1. hol metalen voorwerp (klok of halve bol) dat een heldere klank geeft zodra de klepel of een hamertje er tegen slaat en dat dient om te waarschuwen, gehoor te vragen enz.; schel: als de school aangaat wordt de bel geluid; de bel gaat al; een electrische bel; op een fiets moet een bel zitten. in ’t b...