Woordenboek van Populair Taalgebruik

Geschreven door Marc De Coster. Uitgegeven op Ensie in 2020.

Gepubliceerd op 08-10-2020

goon

betekenis & definitie

(2013) (< Eng.) (straattaal) lid van een criminele bende; gewelddadige gangster; oorspr. een bendelid dat zich tracht omhoog te werken in de hiërarchie. In het Amerikaans-Engelse slang is het woord al sedert 1947 in gebruik. Het is afgeleid van de stripfiguur Alice the Goon uit het komische Thimble Theatre (1919) van EC Segar (1894-1938).

• De respondent die zich als ‘broertje’ voordoet tweet dat hij de klas is uitgestuurd en zijn ‘grote broer’ spreekt hem berispend toe, zoals het een goede broer betaamt. Ook een van mijn andere hoofdrespondenten houdt er een ‘broertje’ op na, welke hij zijn ‘lil shotter’ of ‘kleine goon’ noemt (bijlage 3). (J.B.A. van den Broek: Van de straattaal naar Facebook. Een onderzoek naar het gebruik van sociale media door jongeren binnen de straatcultuur. 2013)
• Een van die fucking goons van Bricks, man. Ze kregen hier ruzie met die Cartel Gang-squad. Trekt die gek opeens uit het niets zijn nakku. (Dieuwertje Heuvelings: Auxiety. 2020)
• (Smibanese woordenboek. 2e druk. 2020)