(1984) (sch.) gezegd van een vrouw met hangborsten en een hangbuik.
• verdieping, znw. de, in de zegsw. Alles zit 'n verdieping te leig, gezegd van een (dikke) vrouw met een slecht, 'afgezakt' figuur. (Jan Pannekeet: Westfries woordenboek. 1984)
• Alles zit een verdieping te laag. Een vrouw met hangborsten en en hangbuik. Tilburg (TT) ’71. (Drs. H. Mandos & M. Mandos- Van De Pol: De Brabantse spreekwoorden. 1988. Zesde, verbeterde druk 2003)