Diefstal betekenis & definitie

Diefstal is het wederrechtelijk toe-eigenen van enig goed dat tot een ander toebehoort.

In het strafrecht - en in het bijzonder het Wetboek van Strafrecht - wordt er in beginsel een onderscheid gemaakt tussen overtredingen en misdrijven. Het tweede boek van het Wetboek van Strafrecht gaat over misdrijven, terwijl het derde boek van het Wetboek van Strafrecht gaat over de overtredingen. Wanneer een persoon een diefstal pleegt, is er sprake van een misdrijf. Diefstal staat in artikel 310 van het Wetboek van Strafrecht geregeld. Indien een persoon een diefstal begaat, kan hij worden gestraft met een gevangenisstraf van ten hoogste vier jaren of een geldboete van de vierde categorie. De rechter zal bij de uiteindelijke strafbepaling rekening houden met de persoonlijke omstandigheden van de verdachte. Bij de persoonlijke omstandigheden moet er worden gedacht aan de mogelijkheid dat de verdachte een zogenaamde first offender is, of dat hij bijvoorbeeld slechts een pakje kauwgom heeft gestolen. Een simpele diefstal wordt echter meestal afgedaan met een strafbeschikking; spelen er echter strafverzwarende omstandigheden mee, dan is de kans groot dat de diefstal alsnog voor de rechter komt.