Oosthoek 1916

Nederlandse encyclopedie, uitgegeven van 1916-1925.

Gepubliceerd op 17-01-2019

Ancienniteit

betekenis & definitie

Ancienniteit - (Fr.), volgorde naar leeftijd of diensttijd, ouderdom in rang, heeft beteekenis voor de positie en bevordering van sommige categorieën van ambtenaren; inzonderheid voor militairen. Daarover het volgende. A. is in het algemeen gelijk aan den diensttijd in den rang, die gerekend wordt van den datum van ingang van de benoeming in dien rang, of wanneer die datum niet bepaald werd, van de dagteekening van het besluit dier benoeming. Bij gelijken diensttijd wordt de ouderdom in rang bepaald door de plaats in de ranglijst.

Voor elken rang en voor elk wapen, elken staf en elk dienstvak bestaat een afzonderlijke ranglijst van officieren. Officieren op non-activiteit komen voor rangsbevordering niet in aanmerking. Na hun herplaatsing in activiteit worden zij, voor zoover hun ouderdom van rang betreft, geacht zooveel later in hun rang te zijn benoemd, als hun non-activiteit heeft geduurd. Officieren in krijgsgevangenschap worden evenmin bevorderd. Voor hen kunnen echter gunstiger bepalingen worden getroffen. De a. doet zich in de militaire verhouding naar zeer vele zijden gevoelen.

Bij gelijkheid van rang geeft zij precedentie. Tot den raad van onderzoek en een raad van appel, die over een oneervol ontslag van een officier moeten adviseeren, moeten behooren twee of drie officieren van denzelfden rang, als hij wien het betreft, doch tevens ouder in dien rang dan hij. In den Krijgsraad wordt de rang of orde, in welken de leden ter vergadering zitting hebben door den commandeerenden officier bij de benoeming bepaald, maar zal deze gegrond moeten zijn op hun effectieven militairen rang of a. in dienst. Eerst bij gelijkheid van militairen rang en a. beslist bij de landmacht de leeftijd, bij de zeemacht de rangorde der verschillende korpsen van de zeemacht. Wanneer een beklaagde een officier is, zal geen ander officier als officier-Commissaris mogen fungeeren, dan die van een hoogeren rang, althans van een gelijken rang, doch van hoogere a. is. Voor het reserve-personeel gelden dezelfde regelen omtrent de a. zoowel onderling als met het beroepspersoneel, als boven genoemd zijn.