Marga Schiet

MOM's lexicon van de opvoedmisstanden

Gepubliceerd op 22-06-2017

2017-06-22

Eigen wil

betekenis & definitie

Die eigen wil van een kind moet je breken.

Vanaf een jaar of anderhalf ontdekt een kind dat hij een eigen wil heeft. Eerst was hij nog een baby en dreumes die zichzelf zag als een verlengstuk van zijn ouders. Op een dag gaat hij ontdekken dat hij niet een deel van een ander is, maar een eigen persoon. Die periode begint vanaf een maand of vijftien. Veel kinderen krijgen hierbij last van scheidingsangst: samen met het besef dat papa en mama een andere persoon zijn, komt ook het besef dat ze je in de steek kunnen laten.

Die ontwikkeling, die een kind het gevoel geeft een eigen ik te hebben, gaat hand in hand met het lichamelijke vermogen om zelfstandiger te zijn. Kunnen lopen speelt hierbij een grote rol. Als een kind kan lopen, dan wil hij ook lopen en gaat hij er vanzelf in zijn eentje op uit. Hij ontdekt dat hij zelf de kamer in en uit kan lopen. Hij wordt nieuwsgierig naar de verschillende ruimten in huis en zal ook buitenshuis de neiging hebben een flink eind te lopen, omdat daar een heel nieuwe wereld voor hem opengaat.

Bij de ontdekking van het zijn van een eigen persoon komt ook de ontdekking van het hebben van een eigen wil. Het één is niet los te zien van het ander. Het is de meest kenmerkende ontwikkeling van jonge kinderen. Een peuter moet die eigen wil op allerlei manieren uittesten. Met als gevolg dat als een ouder wil dat de peuter zich laat aankleden, hij dat juist niet wil. Is het de bedoeling dat hij stopt met spelen omdat het etenstijd is, dan wil hij per se doorgaan met spelen. Het oefenen met zijn eigen wil is nodig om zich steeds weer te realiseren dat hij zelf iemand is, los van zijn ouders. Die vaardigheid onder de knie krijgen kost tijd en oefening. Voor ouders een lastige tijd, omdat het nu eenmaal niet leuk is als een kind steeds maar weer ingaat tegen de dingen die je van hem vraagt en die tot de normale dagelijkse gang van zaken behoren.

Het is heel vermoeiend om dagelijks te strijden over slapengaan, stoppen met spelen, tanden poetsen enzovoort. Toch is het prettig om te weten dat deze ontwikkeling goed is en niet tegen jou als ouder gericht is. Een kind is niet echt tegen zijn ouders als hij vaak dwars is, al lijkt dat wel zo. Ouders zijn voor een peuter nu eenmaal zijn eerste oefenmateriaal, omdat hij weet dat ze toch wel van hem houden. Juist om die positieve reden durft een kind dat zich geliefd weet zich te laten gaan. Het is een compliment

voor de ouder tegen wie het kind zich afzet, want het betekent bijna altijd dat de band tussen ouder en kind juist goed is.